Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zit, als wanneer de boven berekende gemiddelde betalingstermijn gebruikt werd.

Ternate, een sultanaat, behoorende tot de residentie Ternate en Onderhoorigheden, bestaat uit het eiland Ternate, de eilanden Hiri, Moti, Makian, de Kajoa- en Goera-itjïeilanden, het noorder schiereiland van Halmaheira met de omliggende eilanden, een gedeelte van Zuid-Halmaheira, de Soelaeilanden, den Banggai- archipel, een gedeelte van Celebes, de eilanden Manoei en Wowoni en een aantal andere eilanden. Men schat het aantal onderdanen van den sultan op 70 000. Hij wordt in bet bestuur bijgestaan door een kapitein- laoet, een djoegoegoe, een secretaris en verschillende hoekoems, bovendien heeft hij een eigen krijgsmacht. Op de eilanden buiten Ternate wordt hij vertegenwoordigd door een oetoesan. Het sultanaat bereikte onder het bestuur van zijn vierden sultan, Baboelah Datoe Sah (1570-1583) het toppunt van bloei. Zijn gebied strekte zich uit tusschen Mindanao, Banda, Bima en Makassar. Onder zijn opvolger Saidoedin in 1595 vertoonden de Nederlanders zich voor het eerst te Ternate. Zij sloten 8 jaar later met den onderkoning een verdrag en breidden hun macht langzamerhand uit. De tegenwoordige sultan, de 258te na de oprichting van het sultanaat, regeert sedert 1902. Zijn gezag heeft weinig te beteekenen.

Ternate, de hoofdplaats van de residentie Ternate en Onderhoorigheden en van het sultar naat Ternate, ligt op het eiland Ternate en telt (1905) 3616 inwoners, waarvan 394 Europeanen, 2203 inlanders, 721 Chineezen, 286 Arabieren en 12 andere Vreemde Oosterlingen. Zij bestaat uit 3 bijna evenwijdige straten of wegen, die door min of meer smalle paden zijn verbonden. Tot de openbare gebouwen behooren het residentiehuis, de gevangenis, de scholen, de marktloods, de Protestantsche kerk en eenige gouvernementspakhuizen. Verder noemen wij het in 1607 opgerichte fort Oranje. Het paleis van den sultan, dat op het einde van het sultansgebied, waar ook de prinsen, rijksgrooten en andere hoofden wonen, tegen de helling van een heuvel is gebouwd, is een ruime woning binnen een omheinde ruimte. Aan het sultansgebied grenst de Makassaarsche wijk, die zich, evenals de Chineesche wijk, bij de hoofdwegen aansluit. De reede, die zich vroeger voor het fort Oranje bevond, is later naar het zuiden, op de hoogte van het residentiehuis verlegd. Het klimaat is gunstig. Doordat het eiland te ver van de groote verkeerswegen verwijderd ligt, is de handel niet zeer bloeiend. De meeste handel wordt gedreven met Nieuw-Guinea. De booten van de paketvaartmaatschappij doen Ternate tweemaal in de maand aan. Voor den uitvoer worden van verschillende eilanden produkten aangebracht, zooals tabak, hertshoorn, vogelhuiden, schildpad, was, damar, gedroogde en gezouten visch, tripang, parelen, copra enz. De voornaamste invoerartikelen zijn katoenen en wollen goederen, glas- en aardewerk, garens, rijst, zout, runderen, opium en vele voorwerpen van huiselijk gebruik.

Ternate, een eiland in de Moluksche Zee, ten W. van Halmaheira op 0°50' N.Br. en 127° 20 O. L. van Gr. gelegen, ontleent zijn naam aan den gelijknamigen vulkaan, waaruit het bestaat. Deze vulkaan heeft zijn krateropening aan den noordkant, vooral in het X. en N. W. daalt hij steil naar de zee

af. Op den top bevinden zich enkele heuvelachtige verheffingen. Er hebben herhaaldelijk uitbarstingen plaats gehad. Aan de noordzijde, niet ver van de kust, vindt men 3 zoetwater bevattende meertjes. Het eiland is dicht begroeid en vooral in het Z. O. en Z. met cultuurgewassen en vruchtboomen beplant. Met prauwen kan het eiland in een dag, met stoomschepen in een paar uur omgevaren worden. Het verkeer heeft dan ook hoofdzakelijk over zee plaats. Tot het gouvernementsgebied behoort de oosteh'jke, zuidelijke en zuidwesteb'jke kuststreek van de kampong Ternate af tot voorbij Castella; daar wonen vooral Tidoreezen en Makasaren, die zich met landbouw, nijverheid of vischvangst bezighouden. De echte Ternatanen, die een afzonderlijke taal, het Ternataansch, spreken, wonen vooral in het sultansgebied om en bij het paleis. Het aantal inwoners wordt op 800 geschat.

Ternate en Onderhoorigheden, een residentie, die de Soelaeilanden, het noordergedeelte van de Molukken, den Walgeoe- Misoolarchipel, een gedeelte van Nieuw- Guinea en eenige afzonderlijke eilandengroepen omvat, bestaat uit het gouvernementsgebied, dat een deel van Ternate, een deel van Batjan, de Obieilanden en de Kekiken Lawineilanden c. a. beslaat, het gebied van het landschap Ternate, dat van Tidore en dat van Batjan. Zij bestaat uit 6 afdeelingen, n.1. Ternate, Batjan, Halmaheira, Soelaeilanden, Noord-NieuwGuinea en West-Nieuw-Guinea. De oppervlakte bedraagt 456 857 v. km., het aantal inwoners (1905) 108 415, waarvan 497 Europeanen, 106 632 inlanders, 906 Chineezen, 368 Arabieren en 12 andere Vreemde Oosterlingen. Vroeger behoorde Ternate tot het gouvernement van de Molukken, doch in 1866 werd het daarvan gescheiden. In het midden van de 13de eeuw wisten sommige hoofden over enkele staatjes eenige macht te verkrijgen, in de 15ae eeuw strekten zij hun gebied verder uit en namen den titel van sultan aan. In het begin van de 164e eeuw vestigden zich eerst de Portugeezen, later de Spanjaarden in deze streken, zij werden echter langzamerhand door de Nederlanders verdrongen, die den alleenhandel in specerijen, meer in het bijzonder van kruidnagelen trachtten te verkrijgen. Daarvoor werden herhaaldelijk, wanneer de aanvoer te groot was, boomen uitgeroeid. (Hongitochten). Eerst in 1828 kreeg de bevolking de vrije beschikking over haar produkten. De inlandsche vorsten zijn ten opzichte van het inwendig bestuur geheel afhankelijk van het gouvernement.

Ternaux, Guillaume Louis, een Fransch industrieel, geboren te Sedan den 8Bten October 1763, legde zich aanvankelijk toe op den handel en schreef in 1790: „Voeu d'un patriote sur les assignats", waarin hij het uitgeven van papieren geld afkeurde. Later bevorderde hij de pogingen van Lafayette om den troon en den koning te redden en moest in 1793 de wijk nemen naar het buitenland. Onder het directoire keerde hij naar Frankrijk terug, vestigde zich te Parijs en stichtte op onderscheiden plaatsen fabrieken. Tevens bleef hij zich aan de openbare aangelegenheden wijden. Hij verzette zich tegen het consulaat voor levenslang en tegen het stichten van het keizerrijk. Na de Restauratie koos hij de zijde der Bourbons, waarom hij in de Honderd Dagen naar België trok. Na de Tweede Restauratie was hij de raadsman der re-

Sluiten