Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

This (Egyptisch Tinï) is een van de oudste plaatsen van Egypte. Volgens Manethos was het de geboorteplaats van Menes, den stichter van het Egyptische rijk en van de stad Memphis. Het was in Öpper-Egypte, W.lijk van den Nijl en 6 km. ten N. van Girge in de nabijheid van het dorpje El-Birbe gelegen. Anderen hebben het verder Z.waarts bij Abydos gezocht.

Thisbe. Zie Pyramus en Thisbe.

Thisted is de naam van een Deensch ambt, dat het N.W.lijk deel van Jutland omvat en dat op een oppervlakte van 1751 v. km. (1906) 73 827 inwoners telt. De gelijknamige hoofdstad in het zoogenaamde Theyland aan den N.lijken oever van den Limfjörd gelegen, is het eindpunt van de spoorwegen van Struer en Fjerritslev en bezit een mooie kerk, levendigen handel, visscherij en nijverheid en telt (1906) 6520 inwoners.

Thisted, Valdemar Adolf, een Deensch dichter, bekend onder den schuilnaam Em. St. Hermidad, geboren den 28aten Februari 1815 te Aarhus, studeerde te Kopenhagen in de theologie, werd in 1845 leeraar aan het gymnasium in zijn geboorteplaats, in 1855 godsdienstleeraar in Sleeswijk en in 1862 te Tömmerop op Seeland. Zijn romans waren omstreeks 1850 zeer in trek. Zijn „Breve fra Helvede" (1866), verschenen onder den schuilnaam M. Rowel en wekten een levendige belangstelling. Hij overleed den 14den October 1887.

Thivae (Thebai) is de hoofdstad van een eparchie van het Grisksche nomos Boeotië. Het is op de plaats van het oudste Thebe en zijn burcht Kadmeia op een 218 m. hoogen heuvel gelegen. De plaats, die de zetel van een bisschop is, telt (1896) 3469 (als gemeente 6586) inwoners, die zich met den verbouw van koren, wijn en katoen bezighouden. Afgezien van de bronnen, die in de Thebaansche mythen een rol spelen, is er slechts weinig uit de Oudheid bewaard gebleven. Van 1887—1888 werden overblijfselen van den beroemden, door Pausanias beschilderden, Kabirentempel opgegraven. Den 24sten jfpi 1893 veroorzaakte een aardbeving groote schade. In de nabijheid wordt goed meerschuim gevonden.

Thlaspi (Boerenkers) in de naam van een plantengeslacht uit de tweezaadlobbige familie der Cruciferen. Het zijn onbehaarde kruiden met gaafrandige bladeren en sterk gevleugelde hauwtjes. De meest voorkomende soort in T. arvensi (Witte krodde) met bijna cirkelronde hauwtjes en op bouwland vaak in groot aantal voorkomend.

Thlinkieten, ook Kolosjen of Koljoesjen geheeten, is de naam van een N. Amerikaansch Indianenvolk met een eigen taal, dat Z.O.lijk Alaska van 55—60° N. Br. bewoont en verschillende stammen omvat, waarvan de Sitka of Sjitka en de Tjilkat de voornaamste zijn. Ze zijn krachtig, goed gebouwd en schrander; hun gelaatskleur is licht. Zij leven van de jacht en de visch vangst en drijven bovendien een levendigen handel. Hun dorpen bestaan uit vaste, houten huizen en zijn meestal dicht aan het zeestrand gelegen. Zij hebben een rijke mythologie en vele oude gebruiken, die echter door het voortdringen der beschaving langzaam verdwijnen. In 1890 woonden er in Alaska 5432 Thlinkieten.

Thlinkieten-eilanden is de gemeenschappelijke naam voor de door de Thlinkieten bewoonde eilandengroepen aan de W. kust van N. Ame¬

rika. Tot hen behooren de Alexander-archipel en de Koningin Charlotte-eilanden.

Thode, Henry, een Duitsch schrijver over kunstgeschiedenis, geboren den 13den Januari 1857 te Dresden, studeerde vanaf 1876 te Leipzig, Weenen, Berlijn en Miinchen in de wijsbegeerte en de kunstgeschiedenis en vestigde zich, na gedurende verschillende jaren studiereizen in Italië, Frankrijk, Nederland en Engeland gedaan te hebben, in 1886 te Bonn als privaatdocent in de kunstgeschiedenis. In 1889 werd hij benoemd tot directeur van het Stadelsche kunstinstituut te Frankfort a. d. M., welke betrekking hij tot 1891 vervulde. Gedurende dezen tijd maakte hij nader kennis met den schilder Hans Thoma, op wiens eigenlijke beteekenis hij de aandacht in ruimeren kring vestigde. Door zijn deelneming aan de opvoeringen te Bayreuth kwam hij ook onder den invloed van Riclmrd Wagner. In 1894 werd hij buitengewoon hoogleeraar aan de hoogeschool te Heidelberg en in 1896 gewoon hoogleeraar aldaar, welk ambt hij tot 1 April 1911 bekleedde. Behalve talrijke opstellen in vaktijdschriften, schreef hij: „Franz von Assisi und die Anfange der Kunst der Renaissance in Italien"(2de druk, Berlijn, 1904), „Die Malerschule von Nürnberg in 14. und 15. Jahrhundert"(Frarikfort a.d. M. 1891), „Hans Thoma"(Weenen, 1892), „Federspiele"(Gedichten, met teekeningen van Hans Thoma, 2de druk, Frankfort a.d. M., 1900) en „Der Ring des Frangipani"(3de druk, Frankfort a.d. M., 1901). Verder schreef hij in Iinackfusz' „Künstlermonographien"(Bielefeld) de deeltjes: „Andrea Mantegna" (1897), „Correggio" (1898), „Giotto" (1899) en ,,Tintoretto"(1901), terwijl verder nog van zijn hand verschenen: „Hans Thomas Gemalde"(5 dln„ Frankfort a.d. M., 1900—1906), „Michelangelo und das Ende der Renaissance"(2 dln., Berlijn, 1902 —1903) en „Böcklin und Thoma. Acht Vortrage über neudeutsche Malerei"(Heidelberg, 1905). Bovendien is in Hans Meyefs „Deutsches Volkstuin" (2de druk, Leipzig, 1903) het hoofdstuk „Die deutsche bildende Kunst" van zijn hand, terwijl hij sedert 1894, samen met H. v. Tschudi, het „Repertorium für Kunstwissenschaft" uitgeeft.

Thogra of Toghra, de handteekening van den Turkschen sultan, bestaat uit een verbinding van Arabische letters, die den naam en den titel van den regeerenden sultan, van zijn vader en een versierend attribuut aanduiden. De figuur gelijkt eenigszins op een geopende hand, een herinnering aan de gewoonte van sultan Orchan, die niet kon schrijven, zijn in inkt gedoopte hand onder documenten af te drukken.

Thoinot, Leon Henry, een Fransch geneeskundige, geboren in 1858 te Parijs, werd in 1882 adsistent arts, promoveerde in 1886, werd in 1889 lid van de hygiënische commissie voor Frankrijk en in 1906 hoogleeraar in de gerechtelijke geneeskunde. Hij legde zich vooral toe op de studie van hygiënische vraagstukken en op .de ontsmettingsleer en schreef belangrijke artikelen over de cholera en febris typhoïdea. Verder noemen wij van hem: „Précis de microbie médicale et vétérinaire"(1889), „Cours d'hygiène"(1889) en „Attentats aux moeurs et perversion du sens génital"(1898).

Thöl, Johann Heinrich, een Duitsch schrijver op het gebied van handels- en wisselrecht, geboren den 6den Juni 1807 te Lübeck, werd in 1830 privaatdocent en in 1837 hoogleeraar in de rechten te Göttingen en in 1842 te Rostock, doch keerde in 1849 terug

Sluiten