Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van Dantumadeel en een ijverig aanhanger van keizer Karei V, die hem een jaargeld verleende. Meermalen werd hij naar den keizer en naar de landvoogdesMaria afgevaardigd,om de belangen van het land te bepleiten. Hij overleed in 1546. Verder Jan Tjaer(la van Starkenhurg, die gedurende het bewind van Alva het land moest verlaten,diens zoon Barthold,Aie deel nam aan het verzet tegen de Spaansche dwingelandij, en Ludolf van Tjaerda van Starkenhurg, heer van Wehe en Suurdijk. Hij bekleedde aanzienlijke staatsambten en was o. a. in 1667 werkzaam bij den vrede van Breda.

Tjalk noemt men een platboomd kust- en waddenvaartuig met één mast, zwaarden en een groot gaffelzeil. Bij de Hollandsche tjalk is de gaffel gebogen, hoewel ook somtijds de Duitsche, rechte gaffel gezien wordt.

Tjam&r& of Tjemara. Zie Casuarina.

Tjandi Sewoe of Duizend-tempels is de uitgebreidste van alle tempelgroepen, die men op Java gevonden heeft. Zij ligt ten N.O. van Djokjakarta, op de grens tusschen de residenties Djokjakarta en Soerakarta. Hier stonden op een oppervlakte van 24 hectaren 246 tempels bijeen. De hoofdtempel was aan alle kanten door een viervoudige rij tempels omgeven; de binnenste rij telde 28, de tweede 44, de derde 80 en de buitenste rij 88 tjandi's. Alle kleine tempels waren nagenoeg onderling gelijk. Van buiten waren zij versierd met basreliëfs, welke een zelfde voorstelling gedurig herhalen: een godenbeeld in het middelvak en in de zijvakken kleinere beeldjes, ook van vrouwen. Binnen in het vertrek, dat 1,75 m. in het vierkant is, bevinden zich een verschillend aantal nissen voor beelden en bovendien op een voetstuk een Dhjani-Boeddha-beeld. De hoofdtempel, 6 X 7 m. binnenwerks, overtreft in rijkdom van versiering alle andere tempels van Java.: In den tempel was plaats voor minstens 44 beelden. Uit de schrijfwijze van een opschrift, op een der tempels gevonden, is op te maken, dat de stichting omstreeks het jaar 800 plaats had.

Tjeenk Willink & Zoon, H. D., is de naam van een Nederlandsche uitgeversfirma te Haarlem, die in 1840 aldaar gevestigd werd door A. C. Kruseman. Op 1 Januari 1874 trad Dr. H. D. Tjeenk Willink in de zaak, die thans onder den naam Kruseman en Tjeenk Willink werd voortgezet. Nadat in Januari 1878 de heer Kruseman uitgetreden was, werden de zaken door den tweeden firmant, onder eigen naam, voortgezet en gedreven tot 1 Januari 1899, toen de thans bestaande firma werd opgericht, waarin zijn zoon, H. D. Tjeenk Willink Jr., als medebesturend vennoot optrad, in wiens handen de leiding der zaken uitsluitend overging, sedert Dr. H. D. Tjeenk Willink (Januari 1909) den handel vaarwel zegde.

De uitgaven der firma bewegen zich voornamelijk op literarisch, belletristisch populair-wetenschappelijk en historisch gebied, waarbij zich aansluiten verschillende periodieke uitgaven, als: „De Aarde en haar Volken", „Wetenschappelijke Bladen", „Vragen des Tijds", „Mannen en Vrouwen van Beteekenis", „Sociaal Weekblad" en „Tijdschrift voor Armenzorg en Kinderbescherming", alsook werken op het gebied van rechtsgeleerdheid en wetgeving, en in de laatste jaren op dat van het Middelbaar Onderwijs.

Tjerimai of Tjerme, een vulkaan op Java in de

residentie Cheribon, bereikt een hoogte van 3078 m., is regelmatig gebouwd en bezit een regelmatig gebouwden krater. De buitenhellingen bezitten onregelmatige ravijnen. De bovenhellingen zijn met oerbosschen bedekt, de benedenhellingen zijn goed bebouwd, vooral in het N. De koffietuinen verdwijnen echter meer en meer door uitputting van den bodem. Ten N. van den Tjerimai verheft zich een ouder eruptief gebergte met een aantal toppen.

Tjeukemeer is een der grootste meren van Friesland, gelegen onder de gemeenten Lemsterland, Doniawerstal en Schoterland. Het is zeer vischrijk en zou volgens de overlevering ontstaan zijn, nadat een laag veen, die daar ter plaatse gevonden werd, door brand was opgeteerd.

Tjiandjoer, een afdeeling van de residentie Preanger Regentschappen op Java, wordt begrensd door de residentie Batavia, de afdeelingen Bandong en Limbangan, den Indischen Oceaan en de afdeeling Soekaboemi. Zij beslaat een oppervlakte van 3696,2 v. km. en is verdeeld ia de distrikten Maleber, Tjihea, Tjipoetri, Peser, Tjikalong, Djambat Wetan, Tjikondang en Tjidamar. Het noordelijk gedeelte, grootendeels ingenomen door de hellingen van den Goenoeng Gedeh, is bijna geheel vulkanisch, het zuiden, eveneens bergachtig, bestaat uit brecciën, mergel en kalkgesteenten. Langs de kust ligt een strook zeezand van 200 è, 300 m. breedte; dikwijls bevinden zich hiervoor moerassen, die voor den rijstbouw geschikt zijn. Bij Tjidaoen en bij de monding van den Tji Oedjoeng komen duinen voor. De rivieren behooren gedeeltelijk tot het gebied van de Java Zee, gedeeltelijk tot dat van den Indischen Oceaan. De Tji Sokan, met haar zijrivieren de Tji Kondang en de Tji Andjoer, die, evenals de Tji Koendoel, een zijrivier van de Tji Taroem is, behooren tot het gebied van de Java Zee, de Tji Laki, de Tji Daoen, de Tji Pandak, de Tji Oedjoeng, de Tji Sadea, de Tji Sokan en de Tji Boeni, monden uit in den Indischen Oceaan. In Tjiandjoer treft men een aantal landbouwondernemingen aan op erfpachtperceelen, waar thee, koffie, kina, cacao, Europeesche groenten en vruchten worden verbouwd. Verder houdt de bevolking zich bezig met rijstbouw en met de teelt van tweede gewassen. De gouvernementskoffiecultuur is door gebrek aan geschikte gronden verminderd. De hoofdplaats Tjiandjoer aan den grooten postweg en aan den spoorweg van Batavia naar Bandong, telt (1905) 16 501 inwoners, waarvan 168 Europeanen, 14 658 inlanders, 1198 Chineezen, 25 Arabieren en 2 andere Vreemde Oosterlingen. Zij voert veel vruchten, vooral kokosnoten uit naar Bandong.

Tjikorai of Tjikoeraj, een vulkaan op Java in de Preanger Regentschappen, verheft zich geheel vrij ten Z. van het hoogdal van Garoet, tot een hoogte van 2880 m. Hij bezit een elliptischen, naar het Z. O. geopenden kraterwal, die door het diepe ravijn van het riviertje de Tji Koeraj doorbroken wordt. Ook de buitenhellingen zijn van diepe ravijnen voorzien. De lagere hellingen zijn met tegallans bedekt, daarop volgen koffie-, thee- en kinatuinen, eikenwouden en eindelijk coniferen, die tot een groote hoogte voorkomen. Uitbarstingen zijn niet bekend.

Tjilatjap, een afdeeling van de residentie Banjoemas, groot ongeveer 2292 v. km., wordt begrensd door de residenties Preanger Regentschap-

Sluiten