Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Transcendentie noemt men in de wijsbegeerte in tegenstelling met immanentie, het feit, dat een begrip, een feit, een verschijnsel enz. buiten en boven iets anders bestaat. Zie Immanent.

Transept. Zie Transsept.

Transfert noemt men in de metallotherapie het verschijnsel, dat een hysterische verlamming, die door het opleggen van een stukje metaal, waarop de patiënt reageert, verdwijnt, op hetzelfde oogenblik aan de andere zijde van het lichaam optreedt.

In den geldhandel verstaat men er onder de overdracht, onder bepaalde voorwaarden, van den eigendom van renten of effecten aan derden.

Transfiguratie of verheerlijking is inzonderheid de naam der verheerlijking van Christus (Matth. XVII) op den berg Tabor. De gedenkdag van deze wordt in de R. en Grieksch-Katholieke Kerk gevierd op den 6den Augustus. Wereldberoemd is de schilderij van Bafaël, de „transfiguratie van Christus" voorstellende.

Transformatie beteekende in de wiskunde oorspronkelijk zooveel als substitutie. Later echter verstond men er iedere handelwijze onder, waardoor uitgegeven figuren nieuwe van andere ligging en anderen vorm werden afgeleid. Een transformatie in deze beteekenis verkrijgt men bijv. wanneer men van uit een punt de verschillende punten van een figuur, gelegen in een plat vlak, projecteert op een ander plat vlak. Daarbij gaat o.a. een cirkel in het eerste vlak over in een ellips in het tweede. Het begrip transformatie en vooral dat van een groep van transformaties beheerscht het grootste deel van

ue nieuwere wisKunde. vooral door de onderzoekingen van Sophus Lie zijn zij van veel belang geworden.

In de natuurkunde verstaat men onder transformatie den overgang van den eenen vorm van arbeidsvermogen in een anderen, bijv.van warmte in arbeid, terwijl men in de electro-techniek er de verandering van de spanning van een electrischen stroom mede aanduidt.

Transformatietheorie. Zie Descendentietheorie.

Transformatoren noemt men werktuigen, die het mogelijk maken om electrische stroomen van bepaalde spanning om te zetten in zulke van een andere spanning. Daar het electrische arbeidsvermogen gelijk is aan het produkt van spanning en stroomsterkte, heeft een verhooging van de spanning een verkleining van de stroomsterkte tengevolge en omgekeerd. Bij overbrenging van electrisch arbeidsvermogen maakt men gebruik van hooggespannen stroomen. Daar echter eenerzijds de dynamo's geen stroomen van de vereischte spanning leveren en anderzijds de toestellen (lampen, motoren enz.) niet met hooggespannen stroomen gevoed kunnen worden, moet de stroom tweemaal getransformeerd worden. Men onderscheidt naar den aard van den stroom gelijkstroomen wisselstroomtransformatorm. De gelijkstroomtransformator is niets anders dan een dynamo met twee ankers, die op dezelfde as zijn aangebracht en waarvan het eene voorzien is van vele windingen van een dunnen draad en het andere van weinige van een dikken. De stroom wordt geleid naar de borstels van het eene en afgeleid van die van het andere. Moet een stroom van lage spanning getransformeerd worden in een van hooge,

dan wordt hij geleid naar het anker met den dikken draad en omgekeerd. Terwijl nu de gelijkstroomtransformator steeds draaien, is de wisselstroomtransformator een stilstaand werktuig, dat naar het voorbeeld van den inductor van Ruhmkorff gebouwd is. Hij bestaat uit een ijzeren kern, waarop twee wikkelingen, een van dunnen en een van dikken draad zijn aangebracht. Door de eene loopt de stroom, welke getransformeerd moet worden; van de uiteinden van de andere winding kan de getransformeerde stroom weggeleid worden. Aan de magneetkern geeft men den vorm van een gesloten vierkant (ringtransformatoren) of van een dubbel gesloten vierkant (manteltransformatoren). De kern wordt, om verwarming door wervelstroomen te voorkomen, samengesteld uit repen ijzerblik, terwijl men een luchtkoeling tusschen dezen en de draadspoelen aanbrengt. Transformatoren, die stroomen van zeer hooge spanningen moeten verwerken, worden in olie onder gedompeld (iolietransformatoren). Daarmede heeft men stroomen met een spanning van 60000 Volt opgewekt; intusschen blijken spanningen van meer dan 20 000 Volt in de praktijk niet voordeelig. Voor den driephasenstroom moet de transformator bestaan uit drie ijzeren kernen met de bijbehoorende windingen. Het nuttig effect der transformatoren bedraagt 93-97 %, bij kleinere en bij volle belasting 90 %.

Om een wisselstroom in een gelijkstroom te transformeeren, gebruikt men zoogenaamde motorgeneratoren, bestaande uit een draaistroommotor en een daarmede gekoppelden gelijkstroomgenerator. Ook maakt men tegenwoordig dikwijls gebruik van den roteerenden transformator of converter. Hij bestaat uit een stel veldmagneten met draadspoelen, tusschen de polen waarvan een anker met gewone gelijkstroomwikkeling rondwentelt. Op de as van het anker en aan de eene zijde daarvan bevindt zich een commutator of stxonm-

wisselaar (zie aldaar) aan de andere zijde een aantal sleepringen, wier aantal afhangt van den aard van den stroom. Bij den éênphasenstroom zijn er twee, bij den draaistroom drie voorhanden. De

veldmagneten kunnen worden opgewekt met een afzonderlijken stroom of door middel van den Commutator. Naar de sleepringen wordt nu de wisselstroom geleid, terwijl de commutator een gelijkstroom levert en omgekeerd. De spanningen van den toegevoerden en den afgeleiden stroom hebben een bepaalde verhouding.

Transfusie is een andere benaming voor Infusie (zie aldaar).

Transgressie noemt men in de aardkunde het verschijnsel, dat een jongere afzetting zich ver over de grenzen van de oudere afzet, doordat het bekken, waarin de afzetting plaats heeft, bijv. door het dalen van den bodem, grooter geworden is. Een machtige transgressie vertoont bijv. de bovenste krijtformatie.

Trans-Himalaja is de naam van een geweldig gebergte, dat door Sven Hedin (zie aldaar) op zijn laatste groote reis in Centraal-Azië is ontdekt en naar hem ook Hedingebergte genoemd wordt. Het strekt zich uit in de richting W.—O. en wordt door de dalen van den bovenloop van Indus en Brahmapoetra van den Himalaja gescheiden.

Transitohandel of Doorvoerhandel noemt

Sluiten