Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gekenmerkt wordt door overblijvende planten, met een wortelstok of bol, voorzien van regelmatige bloemen, gekleurd bloemdek, driehokkig, bovenstandig vruchtbeginsel, doos- of besvrucht. Bekend zijn de soorten: Tulipa gesneniana met zeer veel verscheidenheden; T. Greigi; T. Forsteriam, T.Kaufmamniana, T. Mauriana, T. Owslrowskyana, T. persica, T. Sprengen en P. Sylvestris. Zie verder Bloembollenhandel en -teelt.

Tulle is de naam van verschillende weefsels, waarbij van fijne, onderling verbonden draden, regelmatige cellen gevormd worden. Deze stoffen worden voor dameskleeren, sjaals, doeken enz. gebruikt. Engelsche tulle is hetzelfde als bobinet (zie aldaar).

Tulle, de hoofstad van het Fransche departement Corrèze, vroeger van Neder-Limousin, ligt in een diep dal aan de samenvloeiing van de Corrèze en de Solane en aan den spoorweg Brive—ClermontFerrand. Het bezit een kathedraal (12de eeuw) met gotischen toren (14de eeuw), een college, een seminarium, een kweekschool voor onderwijzers en onderwijzeressen, een museum, een bibliotheek en een schouwburg en telt (1906) 14079 (als gemeente 17 245) inwoners. Verder bezit het een rijkswapenfabriek, een rijwielfabriek, een goudslagerij, zaagmolens enz. en een levendigen handel in koren, olie, wijn, likeur, vee enz; De stad is de zetel van een bisschop en van een prefect, benevens van een paar rechtbanken. In den Frankischen tijd kwam zij voor onder den naam Tutela.

Tullius is een Romeinsche geslachtsnaam, dien o. a. ook de plebejische familie der Ciceronen voerde (zie Cicero).

Tallus Hostilius, volgens de legende, de derde koning van Rome, regeerde van 672—640 v. Chr., was de opvolger van Numa Pompilius, verwoestte Alba Longa en deed de inwoners verhuizen naar den Mons Caelius te Rome. Ook tegen de Sabijnen voerde hij voorspoedige oorlogen. Daar hij zich echter niet bekreunde om den dienst der goden, trof hem, na verschillende vergeefsche waarschuwingen, Jupiter's bliksem, welke hem en zijn huis vernietigde.

Tulp, Nieolaas, zich schrijvende dr. Klaas Pieterszoon, geboren te Amsterdam den ll<>™ October 1593, studeerde in de geneeskunde, vestigde zich in zijn geboorteplaats, waar hij lid van den raad, vervolgens schepen en tot viermaal toe burgemeester werd, terwijl hij tevens de geneeskundige praktijk waarnam en geneeskundige lessen gaf. Door zijn bemoeiing werd een nieuwe pharmakopöe ingevoerd, waardoor hij den stoot gaf tot het ontstaan van het Collegium medicum. Van zijn hand verscheen „Observationes medicales" (6de druk, 1716). Hij overleed den 12den September 1674. Zijn portret is door Rembrandt geschilderd op het wereldberoemde stuk: „De anatomische les".

Tulpenboom (Liriodendron L.) is de naam van een plantengeslacht uit de familie der Magnoliaceeèn. Het onderscheidt zich door het bezit van een 3bladerigen kelk, van 6 tot een klokvormige bloemkroon vereenigde bloembladeren, lijnvormige helmdraden, lange, aan de zijde openspringende helmknoppen en gevleugelde vruchten met 1 of 2 zaden. De gewone tulpenboom (L. tulipifera L.) bereikt de hoogte van een middelmatigen lindeboom en heeft een fraaie kruin. De jonge takken zijn veelal donker

van kleur, de bladeren gesteeld en drielobbig, de zijlobben driehoekig, terwijl de middenlob veel grooter is en tweetandig. De groote, schoone bloemen zijn groenachtig geel en hebben aan het ondereinde een oranjekleurige tint. De tulpenboomen behooren te huis in Noord-Amerika van Ontario tot Michigan, Arkansas, Mississipi en Florida. In onze tuinen dient deze boom alleen als versieringsplant; het liefst wordt hij alleen op een gazon gebruikt. Hoewel er verschillende vormen van bekend zijn, als: L. Tulipifera contorta, L. T. integrifolia, L. T. fastigiata, L. T. flore lutea, fl. rubro, L. T. argenteo-variegata, bezit geen dezer het decoratief effect als de Tulipifera. Vooral op zandigen, vruchtbaren grond wordt de boom zeer groot. Vermeerdering geschiedt uit zaad. De tuinvormen verkrijgt men door enting onder glas.

Tulpenhandel. Zie Bloembollenhandel.

Tumor. Zie Gezwellen.

Tumulus. Zie Graven, Praehistorische.

Tunbridg-e Wells, een stad in het Engelsche graafschap Kent, 8 km. ten Z. van Tonbridge, is een van de oudste badplaatsen van Engeland. Zij wordt meer wegens haar gezonde lucht, als wegens haar staalbronnen bezocht. Het aantal inwoners bedraagt (1901) 33 373. De plaats ligt op 3 heuvels. 9 km. ten O. van Tunbridge Wells ligt Bayham-Abbey, een bezitting van markies Camden, waar men een kloosterruïne uit de 13de eeuw aantreft.

Tunica heette bij de Romeinen een op het bloote lichaam gedragen, hemdvormig kleedingstuk van witte wol, zonder mouwen, vooral bij de vrouwen, of met mouwen tot aan de hand (tunica manicata), dat het huiskleed van mannen en vrouwen vormde en bij ae minder gegoeden het eenige kleedingstuk vormde. De mannen namen haar met behulp van een gordel zoodanig op, dat zij niet onder de toga uitkwam; de vrouwen droegen er de lange stola over. De tunica der senatoren had in het midden een breede, verticale, purperen strook (tunica laticlama), die der ridders een smalle (tunica angusticlavia). De met'palmen in goud bestikte purperen tunica (tunica palmata) behoorde bij de kleeding van den triumphator. In de R. Katholieke Kerk was de tunica vroeger zooveel als de alba.

Tunis bij de Arabieren Ifrikija), vroeger een vasalstaat van het Turksche rijk in Noord-Afrika (zie de kaarten bij het art. Afrika) staat sedert 1881 onder de beschermheerschappij van Frankrijk. Het wordt begrensd door de Middelïandsche zee, Tripolis en Algerië en telt op een oppervlakte van 167 400 v. km. (1906) 1830 000 inwoners, waarvan 1 700 000

mboorlmgen(w aarondcr bUUUU Joden) en 128 895 Europeanen. Het O. lijk gedeelte van het kustland is vlak, zandig en onvruchtbaar, terwijl het N. lijk gedeelte hoog, steil en rotsachtig is en talrijke voorgebergten (Kaap Blanco, Kaap Bon) bezit. In het N.O. dringt de Golf van Tunis het land binnen, terwijl zich in het O. de Golf van Hammamet en die van Gabes (Kleine Syrte) be¬

vinden ; voor deze laatste liggen de eilanden Kerke-

Wapen van Tunis.

Sluiten