Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1399. Hij, die de nietigverklaring eener akte vraagt, kan niet worden gezegd zich bij wijze van exceptie op die nietigheid te beroepen; de bepaling van art. 1490 B. W. omtrent den duur der actie is derhalve op zijne vordering toepasselijk. — Hof 's-Hertogenbosch 18 April 1882; W. 4813.

1400. Eene overeenkomst tot het aangaan, waarvan de eene partij de andere door bedriegelijke kunstgrepen heeft bewogen, is niet volstrekt nietig, maar alleen betrekkelijk vernietigbaar op de binnen den termijn van dit artikel door den bedrogene in te stellen rechtsvordering. — H. R. 23 Mei 1898, concl. conf.; W. 7134; P. v. J. 1898, 70; v. d. H„ Sr. 3878, 223; N. R. CLXXIX, 89.

1401. Uit de bepaling van art. 1490 B. W. volgt, dat de daar bedoelde nietigheid steeds bij wege van verdediging of exceptie kan worden voorgedragen; een eenvoudig beroep is dus voldoende te achten, zonder dat noodig is, dat dit beroep door rechterlijke uitspraak aangaande de nietigheid worde gevolgd, — Hof's-Gravenhage 5 April 1909; W. 8873.

Art. 1492.

1402. Bekrachtiging der hoofdschuld na de meerderjarigheid sluit ook tegenover den borg een beroep op minderjarigheid uit. — Hof Amsterdam 15 November 1889; W. 5862; P. v. J. 1890, 9.

14Ó3. Het na meerderjarig wording beloven van aflossing en rentebetaling eener gedurende de minderjarigheid aangegane schuld, bevat niet de tenuitvoerlegging der verbintenis, noch de stilzwijgende of uitdrukkelijke bekrachtiging daarvan. — Rechtb. Amsterdam 8 Mei 1891; P. v. J. 1891, 78.

1404. Hoewel eene vernietigbare handeling voor bekrachtiging vatbaar is,

zelfs stilzwijgend, kan de bekrachtiging door den man van eene handeling zijner vrouw, zonder zijne medewerking of schriftelijke toestemming verricht, niet anders dan schriftelijk plaats hebben. — Rechtb. Amsterdam 7 Juni 1892; W. 6361.

1405. De mededeeling van een meerderjarig geworden minderjarige aan derden, dat hij aan iemand eene som gelds schuldig is wegens een koop tijdens zijne minderjarigheid houdt niet in eene bekrachtiging der overeenkomst bedoeld in dit artikel. — Kantong. Hoogeveen 23 Maart 1895: P. v. J. 1895, 69; Mb. Dw. XI, 7.

1406. Als stilzwijgende bekrachtiging eener overeenkomst na ingetreden meerderjarigheid, kan niet worden beschouwd hare naleving na dien, zoolang niet vaststaat, dat die naleving plaats had in het volle bewustzijn, dat die overeenkomst krachteloos was. — Rechtb. Amsterdam 9 Juni 1905; W. 8410; P. v. J. 1905, 474; W. v. Not. 64.

VIJFDE TITEL.

Van koop en verkoop.

Eerste Afdeeling.

Algemeene bepalingen.

Art. 149?.

1407. Mr. H. S. Iets over den handkoop. — W. v. N. R. 1196.

1408. H. J. Coster. Openbare vrijwillige verkooping. — Ac. Pr. Leiden 1890. Aangek, in T. v. N. VIII, 248.

1409. Th. B. Pleijte Verkoop van geneesmiddelen. — Ac. Pr. Leiden 1891.

1410. H. J. C. M. Allard. Koop en

Sluiten