Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

2448. Wanneer tusschen een kleermaker en zijn coupeur is overeengekomen, dat de eerste het recht heeft, om zonder met eenigen termijn rekening te houden den laatsten te ontslaan, wanneer naar het oordeel van den patroon de coupeur zijne verplichting niet, of niet goed nakomt, dan berust het oordeel over de vraag of die reden tot ontslag aanwezig is, met uitsluiting ook van den rechter, bij den patroon; zoodanig beding strijdt

niet met de openbare orde en de goede zeden. — Rechtb. Amsterdam 15 Januari 1909; W. 8912.

2449. Gebrek aan werk bij den werk¬

gever is geene dringende reden in den zin van art. 1639p B. W. — Kan tong. Amsterdam IV 26 Maart 1909; R. B. A. I, 3.

2450. Het des avonds uitgaan van een dienstknecht tegen het uitdrukkelijk verbod van zijn werkgever in, is voor den werkgever geen dringende reden tot onmiddellijke beëindiging der dienstbetrekking. — Ivantong. Zuidbroek April 1909; R. B A. I, 8.

2451. Niet voor het eerst voor den rechter kan de werkgever zich beroepen op het bestaan eener dringende reden tot het doen eindigen der dienstbetrekking. —■ Kan tong. 's Hertogenbosch 17 Juni 1909; R. B. A. I, 11.

2452. Het feit, dat een arbeider, die voor bepaalden tijd in dienst is genomen, zich tegenover derden herhaaldelijk uitlaat, dat hij den dienst tusscbentijds verlaten zal, is voor den werkgever geen dringende reden tot beëindiging der dienstbetrekking. — Kantong. Steenwijk 22 Juni 1909; R. B. A. I, 11.

2453. De weigering des arbeiders om eene werkzaamheid te verrichten, samen¬

hangend met het door den werkgever uitgeoefende bedrijf is voor den werkgever eene dringende reden om de dienstbetrekking te doen eindigen. — Kantong. Bolsward Juli 1909; R. B. A. I, 11.

2454. De weigering van een arbeider, die reeds met inachtneming van een opzeggingstermijn de dienstbetrekking heeft opgezegd, om zijn aangewezen opvolger de noodige inlichtingen te geven over de werkwijze en het materiaal, dat daarbij wordt gebruikt, is slechts dan voor den werkgever eene dringende reden tot beëindiging der dienstbetrekking,wanneer zoodanige verplichting uitdrukkelijk tusschen partijen is overeengekomen of dit als een bestendig gebruikelijk beding bij zoodanige dienstbetrekking is te beschouwen. — Kantong. Arnhem 12 Juli 1910; R. B. A. II, 12.

2455. Het verleiden van medearbeiders tot staken zonder inachtneming van den opzeggingstermijn is in ieder geval, en dat verleiden tot staken met inachtneming van den opzeggingstermijn, kan zijn onrechtmatig en dus eene dringende reden opleveren, die onmiddellijke verbreking der arbeidsovereenkomst rechtvaardigt. — Kantong. Amsterdam III, 12 Augustus 1909; R. B. A. I, 20.

2456. Indien in een reglement den arbeider de verplichting is opgelegd, om binnen drie uur aan de fabriek te melden dat hij ziek is, en de arbeider komt tengevolge eener ziekte deze verplichting niet na, dan bestaat er voor den werkgever geen dringende reden om den arbeider zonder inachtneming van den opzeggingstermijn te ontslaan. — Kantong. Amsterdam II 4 October 1909; R. B. A. I, 23.

2457. Een zeer langzame manier van werken van een kantoorbediende, daar-

47

Sluiten