Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— Rechtb. Leeuwarden 14 Januari 1909 ; of belanghebbende toe, waartoe zeker W. 8835; W. v. N. R. 2061; W. v. Not. een erfgenaam krachtens testament be208. hoort. — Rechtb. 's-Gravenhage 21 April

Art. 1000.

1909; W. 9088; W. v. N. R 2177.

634. Een legataris heeft slechts eene actie tot afgifte, geene saisine, zoodat het niet afgegeven legaat niet zijn eigendom is en tot den boedel blijft behooren. — Pres. Bes. Zutphen 15 December 1911; W. 9309; W. v. N. R 2217; W. v. Not. 360. (Zie nos. 1373—1377 Deel II.)

Art 1033.

635. Een hypotheekhouder is derde in den zin van art. 1033 B. W. — Pres. Bes. Amsterdam 7 Maart 1910; W. 9075.

Art. 1049.

636. H. L. Dingemans. Recht van aanwas. (S. bespreekt den aanwas die er ten opzichte van verschillende rechten plaats heeft.) — W. v. Not. 119.

639. De beschikking, waarbij aan een erfgenaam of aan een legataris een last ten bate van een derde wordt opgelegd, is nergens door de wet verboden en moet dus als geoorloofd worden beschouwd. De bevoordeelde derde heeft ter bescherming der hem bij die beschikking toegekende rechten eene actie tegen den bezwaarden erfgenaam of legataris. — Rechtb. Rotterdam 18 April 1910; W_ 9135 ; W. v. N. R. 2173 ; W. v. Not. 290. (Bevest. bij het volgend arr.)

640. Uit art. 1051 B. W. mag niet worden afgeleid, dat bij ten wiens behoeve een legaat met een last is bezwaard, het recht zoude missen nakoming van dien last van den legataris te vorderen, wanneer deze nalatig is dien uit te voeren. — Hof 's-Gravenhage 4 April 1913 ; W. 9571; W. v. N. R. 2265.

Art. 1051.

637. De hypotheek, welke de legataris bij verkoop door hem van het hem gelegateerde goed zich tot zekerheid van de betaling der koopsom voorbehoudt, is door hem „op dat goed gelegd", in den zin van art. 1051 B. W. — Rechtb. 's-Gravenhage 21 April 1909; W. 9088; W. v. N. R. 2177.

638. De vordering tot vervallenverklaring van een testament ter zake van het niet ten uitvoer leggen der gestelde voorwaarden (d. w. z. „de opgelegde lasten") is nergens in de wet en zeker niet in art. 1051 B. W. bij uitsluiting van eiken erfgenaam, alleen aan de gezamenlijke erfgenamen toegekend. Deze vordering komt aan iederen daarop recht-

641. H. M. van Weel. Legaat met last bezwaard. (Naar aanleiding van de twee laatste uitspraken, waarmede S. zich niet kan vereenigen.) — W. v. N. R. 2268.

Art. 1052.

642. De rechten en verplichtingen van den executeur-testamentair volgens ons bestaand recht en de wenschelijke wijziging daarvan. Praeadviezen, uitgebracht door mr. dr. H. R. Ribbius en mr. A. H. Lijdsman op de Algemeene Vergadering der Broederschap van Candidaat-Notarissen in Nederland en zijne Koloniën, gehouden 9 September 1912. — (Kort verslag in W. v. N. R. 2229.)

Aangek, door mr. G. van Slooten Azn. in Them. 1913, 140.

Sluiten