Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

was. ') Dit bedrag is intusschen niet geheel disponibel, omdat er van afgetrokken moet worden wat voor uitbreiding van het bedrijf noodig is, en voorts de uitgaven van algemeenen aard, zooals onderwijs, waarvoor de overheid diensten bewijst met gebruikmaking van de belastingpenningen. Al is nu dat bedrag belangrijk hooger dan thans aan dagloon wordt genoten, men zou zelfs bij eene billijke verdeeling voor de ingezetenen niet de „aisance" krijgen, die men zou verwachten. In hun algemeenheid bevestigen die cijfers dus de stelling, dat het niet een gevolg is van de verdeeling, maar van de geringe hoogte van het maatschappelijk inkomen, dat de voorziening in de behoeften zoo onbevredigend is. Wel beweert men dat voor Europa het verdeelingsprobleem van meer belang zou zijn en voor Indië daarentegen het productieprobleem, maar feitelijk is voor beide gebieden het productieprobleem belangrijker dan het verdeelingsprobleem, want bij beide is het groote bezwaar, dat er te weinig geproduceerd wordt. Al zou de verdeeling billijk geschieden, dan zou hetgeen daardoor disponibel zou komen, nog betrekkelijk gering zijn, al zou tengevolge hiervan een deel der bevolking meer „aisance" genieten.

Alles dus, wat de productie bedreigt, moet worden opgeheven, en alles wat kan leiden tot uitbreiding der productie moet aangemoedigd worden om die „aisance" te vermeerderen m. a. w. het totaal inkomen moet worden vergroot. Zie pag. 49. Dit is ook daarom van belang, omdat het gemakkelijker valt tot eene billijke verdeeling te geraken als deze gepaard gaat met eene vergrooting van het inkomen, terwijl zulks in het tegenovergestelde geval veel bezwaarlijker is.

Als wij zien hoe gering het inkomen van den Inlander is, springt het in het oog hoe verhooging óok van dat inkomen gewenscht geacht moet worden. Ook om de dekking der kosten van de Staatshuishouding te vergemakkelijken. De heer Colijn berekent de kosten voor het Inlandsch onderwijs op f 125 miljoen 's jaars; dit enorme bedrag zal misschien mettertijd bestreden kunnen worden. Als men aanneemt dat het maatschappelijk inkomen per hoofd f 10.— hooger zou worden, zou er f 300 miljoen meer gewonnen worden, waaruit een zeer behoorlijke bijdrage voor den Staat kan worden afgezonderd, zonder benadeeling der ingezetenen. Ook uit fiscaal oogpunt is verhooging van het maatschappelijk inkomen, door verbetering der productie dus gewenscht.

HOOFDSTUK II.

Protectie.

Een der middelen nu die wordt gebruikt om tot opvoering der productie te komen, is het verleenen van protectie 2) aan de nationale industrie. Dit kan

') Dit netto product was voor de verschillende bedrijven zeer uiteenloopend; het schommelde tusschen £19 in de vlasindustrie (een seizoen-industrie) en £ 354 in de industrie van whisky enz. Voor de textielnijverheid wordt £ 73 per hoofd opgegeven, hetgeen van beteekenis is, omdat in die industrie veel vrouwen en kinderen werkzaam zijn, en het gezinsinkomen dus hooger is dan £ 120.

®) Protectie in ruime beteekenis.

Opvoering der productie d.m.v. protectionistische maatregelen. — G-oed recht hiervan. — Beste vorm. — Nadeelen aan invoerrechten verbonden. — De graanrechten.

Sluiten