Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vertellen van den bloeienden handel, dien ze gezien hebben.

Maar mooi is de stad nog niet, waar ze nu doortrekken. De straten zijn niet met keien of steenen bevloerd. Nu het zomer is, zijn ze mul en stoffig; bij winterdag zullen het ware modderpoelen zijn. Aan weerszijden van de straat meest lage, houten huizen, gedekt met riet of stroo en veelal zonder ramen. Naast en voor de huizen mesthoopen met wroetende varkens en scharrelende kippen. Het eenige steenen gebouw is de kerk. Op sommige plaatsen worden de woningen afgewisseld door stukken bouw- en weiland.

Als nu de zendgraven weer aan het hof van den Keizer zijn gekomen, geven ze nauwkeurig verslag van alles, wat ze gezien hebben. Zoo blijft Karei op de hoogte, hoe het er in zijn rijk uitziet en kan hij er voor zorgen, dat alles goed gaat.

De machtige vorst, van wien we nu iets gelezen hebben, stierf in 814. Meer dan eenig ander vorst heeft hij zijn volk vooruit gebracht. Reeds bij zijn leven vereerde men hem; jaren na zijn dood nog sprak men van hem. Geen wonder, dat hij „de Groote" genoemd werd.

Opgaven. Maak een opstel over Karei den Grooten. Vertel daarbij:

a. wanneer hij vorst werd;

b. iets van de vergrooting van zijn rijk;

c. hoe hij het bestuur inrichtte;

d. waarom hij zendgraven uitzond;

e. wat dezen op hun tocht opmerkten;

f. hoe een stad er in die dagen uitzag.

Sluiten