Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

door de edelen als een eerenaam aangenomen en later werden allen, die zich tegen den Koning verzetten, zoo genoemd.

Om de vervolgingen der Hervormden te doen ophouden, sloten ook de kooplieden te Antwerpen een verbond. Ze hebben hun doel niet bereikt, want door een treurige gebeurtenis in het jaar 1566 werd de Koning nog meer verbitterd op de Hervormden.

Je begrijpt, dunkt me, wel al, welke gebeurtenis ik bedoel, den Beeldenstorm. Door de strengheid, waarmee Filips liet regeeren, door al het moorden en branden was de woede van het volk groot geworden. Nu moesten de Roomsche kerken het ontgelden. Ruwe mannen drongen er met geweld binnen en sloegen er alles kort en klein. De vernieling begon in Antwerpen, maar binnen korten tijd had door het geheele land heen hetzelfde plaats.

Na den Beeldenstorm had men van den Koning geen zachtheid meer te wachten. Streng zouden de schuldigen gestraft worden; bovendien wilde Filips al de Nederlanders door vrees tot gehoorzame onderdanen maken. Daarom zond hij den hertog van A1 v a naar ons land met een leger van ruim 10000 soldaten.

Toen de hertog in Brussel aankwam, vroeg Margaretha haar ontslag. Zij vertrok en Alva werd in haar plaats landvoogd. Dat was in 1567.

Spoedig ondervonden nu de Nederlanders, dat de „ijzeren hertog" aan het hoofd stond. Er werd een rechtbank opgericht, die al de schuldigen aan den Beeldenstorm moest straffen. Daar het vonnis van deze rechtbank altijd de dood was, noemde het volk haar den Bloedraad. In een paar maanden tijds verloren 1800 menschen hun leven op

Sluiten