Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

doch meestal hier en daar op de erven geteeld en langs heggen, boomen ook wel langs veekralen en rijstschuren, nu en dan zelfs langs den wand en het dak van het woonhuis geleid. Zij geven niet vóór de derde of vierde maand vrucht en niet zooveel als de zooeven besproken laboesoorten, maar men kan van dezelfde plant tot op den leeftijd van 3 of 4 jaren, soms ouder, nog oogsten.

De vruchten plukt men niet zoo jong af, zonder haar nochtans volkomen rijp te laten worden. Die van de waloeh zijn rond, aan den benedenkant sterker afgeplat dan van boven, zoodat zij den vorm hebben van zoetemelksche kaas, doorgaans van gelijke grootte zijn; alleen zijn zij overlangs van ondiepe zacht inloopende groeven voorzien. "Van het vruchtvleesch, dat oranje geel gekleurd is, maakt men nu en dan sajoer; gewoonlijk echter wordt het, na van de buitenschil te zijn ontdaan en in stukken gesneden, in verdunde klappermelk met arensuiker en wat zout opgekookt tot het goed zacht wordt en grootendeels zelfs tot moes overgegaan is. De smaak is min of meer melig. Een op deze wijze ook van andere vruchten als pisang en van knolgewassen als këtela, bodin, talës, enz. bereid moes noemt men in Midden- en Oost-Java kolak, in de Soendalanden kaloewa en dit wordt gaarne als versnapering genuttigd, ook door Europeanen, bijv. als dessert na de rijsttafel, veelal echter des namiddags bij de thee.

De koendoer heeft langwerpig ronde vruchten. Ook in rijpen staat blijft de vruchtschil hare grijsachtig groene kleur behouden. Meestal plukt men haar half rijp af. Chineezen snijden het vruchtvleesch in stukken tot i of 5 c. M. lengte, om te konfijten, in welken toestand zij tangkwe worden genoemd.

Een vrucht in vorm op de laboe gelijkende is de koekoek (Grescentia). Zij heeft de grootte van een kokosnoot en is niet bij alle variëteiten volkomen rond. Instede hiervan loopt zij wel eens in een verdund bovenstuk van eenige centimeters naar den steel uit, soms is dit boveneind zelfs gekromd. Daar de schil hard is, levert de koekoek ook door haren eigenaardigen vorm een alleszins geschikt materiaal op om er waterkruiken van te maken, waartoe de inlander de vrucht eenvoudig uitholt. Het

Sluiten