Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Deze beschrijving betreft het mannetje bij de nadering van den paartijd. Daarbuiten praedomineert, evenals bij het wijfje, op de bovendeelen, met uitzondering van de stuit en de bovenste staartdekveeren, een grauwe olijfkleur en komen de spikkels alleen op de vleugels en hun dekveeren voor. Kin, krop, flanken en onderste staartdekveeren zijn dan isabella-kleurig, borst en buik vooral naar het midden indiaansch geel.

De tweede groep der Weverachtigen is die der echte Wevervogels; zij onderscheidt zich van de Munia-groep door de meerdere grootte van de voorste slagpen.

De Wevervogels, en in het bijzonder de gewone manjar (mal., soend. en jav.), Plcceus manyar, Hoesf., afgebeeld in Fig. 19, zijn bekend als zeer schadelijk voor de rijst-en de suikerrietcultuur; voor de eerste, omdat zij zich voor een groot deel met paddi voeden en voor de tweede, omdat zij door hun nestbouw ernstige beschadigingen in de riettuinen kunnen aanrichten.

Beschrijving van Ploceus manyar, Hoesf. (naar Vorderman). Het mannetje heeft den bovenkop tot aan den nek intens goudgeel. Wangen en kin rosachtig zwart. Nek, mantel en vleugels donker sepiakleurig; de mantel- en kliine vleugeldekveeren met isabellakleurige boorden; de slagpennen en hun groote dekveeren met lichtgele zoompjes aan den buitenkant. Eug en stuit grauw isabella met donkere overlangsche schoftvlekken. Staartveeren sepiakleurig met fijne, lichtgele boordjes aan de buitenzijde der pennen. Krop, borst, flanken en buitenzijde der scheenen okerkleurig met donkere puntige schoftvlekken van voren en dunne, lange schoftstrepen op zijde. Onderste staartdekveeren flauw isabella, buik en binnenkant der scheenen witachtig.

De binnenvlakte der vleugels en de ondervlakte van den staart zijn grijsachtig, de eerste van isabellakleurige dekveertjes voorzien. Bek zwartachtig. Pooten en nagels vleeschkleurig. Iris zwartbruin. Totale lengte 14 c.M.

De wijfjes zijn als de mannetjes gekleurd, doch bezitten geen gele kruin; deze is als de rug gekleurd, terwijl de keel, een vlekje onder het oog, de oorstreek en een superciliair-streepje zich licht zwavelgeel voordoen. De wangen zijn bovendien sepiakleurig en de isabellakleur van den kop is flauw getint.

Sluiten