Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Nauwelijks heeft Jezus zich vernederd en den boetedoop ontvangen, of Hij wordt door zijn Vader op luisterrijke wijze verheerlijkt. Als Hij uit het water opstijgt, opent zich de hemel boven zijn hoofd, de H. Geest daalt in de lichamelijke' gedaante eener duif op Hem neder, en tegelijk spreekt een stem uit de hemelen: Deze is mijn welbeminde Zoon, in wien Ik mijn behagen heb gesteld. Mt. III, 13—17.

Bekoring van Christus.

Na den doop werd Jezus door den H. Geest naar de woestijn geleid, om door den satan beproefd te worden. Toen Hij veertig dagen en veertig nachten gevast had, kreeg Hij honger. De woestijn, waarvan hier gesproken wordt, is waarschijnlijk de woestenij, gelegen tusschen Jericho en Jeruzalem, die nog heden Quarantania (oord der veertig dagen) genoemd wordt. Daar nam Jezus zijn intrek in een der vele grotten; daar rustte Hij op den harden bodem; daar bad Hij; daar onthield Hij zich van alle spijs en drank. Christus bewaarde door zijn goddelijke kracht het leven zijns lichaams, maar gevoelde toch de kwelling van den honger en dorst; en toen de veertig dagen vervuld waren, liet Hij het lichaam aan zijn natuurlijke krachten over, zoodat het van uitputting moest bezwijken, indien het niet spoedig door voedsel werd versterkt.

Toen Mozes, de middelaar van het Oud Verbond, op den berg Sinaï was geklommen, om de steenen wetstafelen in ontvangst te nemen, bleef hij op den berg veertig dagen en nachten, zonder brood te eten en water te drinken (Exod. XXIV, 18; Deut. IX. 9); ook Jezus Christus, de middelaar van het Nieuw Verbond, bracht veertig dagen en nachten in vasten en gebed door, voordat Hij het evangelie begon te verkondigen. Hieruit moeten wij leeren, dat het vasten een Gode welgevallig werk is, en een krachtig middel, om zich tot gewichtige aangelegenheden voor te bereiden.

Naar het voorbeeld van Christus hebben alle apostolische mannen zich in de eenzaamheid teruggetrokken, om zich door gebed en versterving voor te bereiden tot de gewichtige zending, waarmede God hen belastte.

Sluiten