Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Niet alleen was Christus vrij van zonde, maar Hij was ook een volmaakt toonbeeld van alle deugden, en op Hem is niet van toepassing, wat Thomas van Kempen schrijft: „Alle volmaaktheid in dit leven gaat met zekere onvolmaaktheid gepaard". I B. III, 3.

Christus was een volmaakt toonbeeld van liefde tot God en de menschen, waarin alle volmaaktheid ligt. Hij kwam op aarde, niet om zijn eigen wil te doen, maar den wil zijns Vaders (Jo. VI, 38), aan wiens verheerlijking geheel zijn leven was toegewijd. (Jo. XVII, 4). Zijn ziel leefde en voedde zich door een nooit onderbroken gemeenschap met God; en was de dag getuige van zijn vermoeienden arbeid voor de zielen, de nacht vond Hem in gebed verzonken (Lc. VI, 12).

Hij was vol liefde voor de menschen, want zijn leven was een „weldoend rondgaan". Act. X, 38. Weldoende trok Hij door de steden en dorpen van Judea, om de bedrukten te troosten, de zieken te genezen, de zondaren te bekeeren. De geringste onder de menschen is zijn broeder, de zondaar is het verloren schaap, tot wiens redding de woestijn doorzocht wordt.

Hij was een volmaakt toonbeeld van nederigheid en zachtmoedigheid, en met een beroep op deze twee deugden, noodigt Hij de menschen uit, zijn leerlingen te worden: „Want Ik ben zachtmoedig en nederig van harte". Mt. XI, 29.

Hij was nederig. In een grot geboren, kiest Hij tot woning een werkmanshuisje, tot beroep het timmermansbedrijf. En wanneer Hij, de machtige in woord en daad, de groote Leeraar en Wonderdoener, in het openbaar verschijnt, ontvangt Hij eerst den boetedoop van Joannes, en omringt zich van arme, onwetende visschers. Wanneer grootsche wonderen zijn roem verkondigen, legt Hij den omstanders het stilzwijgen op; wanneer de gespijzigde schare Hem tot koning wil uitroepen, neemt Hij de vlucht. (Jo. VI, 15). En allen ten voorbeeld, ligt Hij, de Meester, als een dienstknecht voor de voeten zijner Apostelen, om die te wasschen. (Jo. XIII, 14, 15).

Hij was zachtmoedig, geduldig, verdraagzaam, niet alleen tegenover zijn vrienden, maar ook tegenover zijn vijanden. Zijn leerlingen Jacobus en Joannes wilden het vuur des

Sluiten