Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

door lichaamspijn, bloedverlies en zielesmart! Dit is het werk der doodzonde; zij, en zij alleen pleegde den godsmoord.

Maar hoe durft dan een Christen, die in Jezus Christus gelooft, de doodzonde een menschelijke zwakheid noemen? Niet uit wereldsche schouwspelen of romans, niet uit de boeken van nieuwigheidszoekers, niet uit menschelijke hartstochten, maar uit het goddelijk schouwspel op Calvarië, uit de werkelijkheid der lijdensgeschiedenis van den stervenden Godmensch moeten wij de natuur en de boosheid der doodzonde leeren kennen. Het kruisbeeld leere ons de bedreven doodzonden betreuren, het kruisbeeld leere ons in de toekomst alle doodzonden, als het grootste kwaad, vermijden.

Jezus heeft zooveel willen lijden, ook om ons te leeren met geduld onze kruisen te dragen. (Zie Deel I, bl. 202, 204) !).

Godsvrucht tot het H. Lijden.

De Kerk viert het jaargetijde van Jezus' kruisdood op Goeden Vrijdag. Op dien dag wordt het onbloedig Sacrificie niet opgedragen, omdat aller aandacht zich vestigen moet op het bloedig offer van Calvarië.

De Kerk heeft verschillende lijdensfeesten van Christus ingesteld, die gevierd worden van Zondag Septuagesima tot Paschen 2), en ook den Vrijdag van elke week aan de bijzondere vereering van het H. Lijden van Jezus toegewijd.

De Kerk herinnert ons niet alleen aan het H. Lijden van Jezus bij haar plechtigheden op den Goeden Vrijdag en de andere feestdagen, maar ook en vooral bij het H. Misoffer, dat door Christus zeiven tot een gedachtenis en tevens tot een onbloedige vernieuwing van het kruisoffer is ingesteld. Zoo dikwijls wij het H. Sacrificie bijwonen (mocht dit eiken dag zijn!), en het geluk hebben tot de H. Tafel te naderen, moeten wij het woord van Paulus in beoefening brengen: „Zoo dikwijls gij dit Brood zult eten, en den Kelk zult drinken, zult gij den dood des Heeren verkondigen, totdat Hij komt". I Cor. XI, 26 3).

') 3, q. 46, a. 3. 2) Zie J. J. Brouwer, C. S.S. R. Het Kerkelijk Jaar, bl. 120, w. 3) Zie Het Geestelijk Leven, door den H. Alfonsus, II, bl. 230: Over de godsvrucht tot het Lijden van Jezus.

Sluiten