Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ornaat der Bisschoppen.

Het gewone kleed van den Bisschop is paars. Hij draagt een gouden ring met steen, die het zinnebeeld is zijner trouw aan de Kerk en aan zijn bisdom. De mijter met de puntvormige vóór- en achterzijde herinnert aan de twee lichthorens van Mozes, die een afstraling waren van de Majesteit Gods. Die mijter is tevens een zinnebeeld der twee Testamenten, waarmede het hoofd van den Bisschop gewapend is tegen de vijanden der waarheid. De kromstaf is het zinnebeeld der rechtsmacht, die evenwel, gelijk de krul beduidt, binnen de grenzen van het bisdom beperkt is. Het bisschoppelijk kruis dient den Bisschop als wapen tegen zijn vijanden, herinnert hem aan Christus' lijden en de zegepraal der martelaren, die door het kruis overwonnen. De Bisschop draagt twee verschillende kruisen, n.1. het gewone, met gouden keten, en, aan een groen koord met eikel, het pontificale, met relikwieën van martelaren 1).

140. Wat zijn de Priesters in de H. Kerk?

De Priesters in de H. Kerk zijn de medehelpers der Bisschoppen, vooral in het verkondigen van Gods woord en het toedienen der H. Sacramenten.

De Bisschop kan in persoon niet in al de geestelijke behoeften zijner onderhoorigen voorzien. Hij kan b. v. niet op alle plaatsen van zijn bisdom prediken, de kinderen onderwijzen, de H. Sacramenten toedienen, enz. Daarom stelt hij verschillende priesters aan tot medehelpers. Aan het hoofd der parochiën stelt hij een pastoor, en geeft dezen, als het noodig is, kapelaans tot medehelpers; aan het hoofd van geestelijke gestichten plaatst hij rectoren, enz. De voornaamste bediening dezer medehelpers bestaat in de verkondiging van Gods woord op de Zon- en feestdagen, in het onderwijzen der kinderen, in het opdragen van het H. Misoffer, in het toedienen der H. Sacramenten.

') Evers, bl. 341, v.v.; Goulmy, bl. 103, v.v.

Sluiten