Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het is ook een grove dwaling te meenen, dat de Katholieke Kerk, die, krachtens haar bestemming, de menschen tot de volmaaktheid opleiden moet, de volmaaktheid zou vereenzelvigen met het verlaten der wereld of het kloosterleven. De volmaaktheid bestaat in de liefde tot God; en alle menschen, ook zij die in de wereld leven, zijn verplicht de volmaaktheid te beoefenen. Het kloosterleven is slechts een buitengewoon geschikt middel om volmaakt te worden, maar is niet de volmaaktheid zelve. Al is het kloosterleven, op zich zelf beschouwd, een buitengewoon krachtig middel, om volmaakt te worden, het is toch niet geëigend voor alle menschen, maar slechts voor hen, die door God tot dien staat geroepen zijn J). Het steile bergpad, dat de kortste weg is naar den bergtop, is niet voor allen geschikt.

De Katholieke Kerk predikt een heilige leer, en houdt nooit op, al haar kinderen tot trouwe plichtsbetrachting aan te sporen. Die moederlijke zorg heeft de H. Augustinus in zijn werk „De moribus Ecclesiae catholicae" met de volgende woorden beschreven: „Kinderlijk oefent en onderwijst gij de kinderen, krachtig de jongelingen, zachtzinnig de grijsaards, elk naar leeftijd en karakter. De vrouwen gebiedt gij aan hun mannen te gehoorzamen, niet uit zingenot, maar ter wille van een nakroost en der huiselijke gemeenschap. Den man stelt gij tot hoofd der vrouw, niet om de zwakkere te onderdrukken, maar om haar met ware liefde te besturen. De kinderen leert gij, bereidwillig aan hun ouders gehoorzamen, de ouders, met zachtzinnigheid aan hun kinderen gebieden. De broeders verbindt gij onder elkander door den godsdienst, een hechteren en nauweren band dan de verwantschap des bloeds. Den dienstknecht leert gij, aan zijn meester gehoorzamen, niet uit nooddwang, maar uit plichtbesef. Den meester leert gij, door de herinnering aan den Allerhoogsten God, beider Heer en Meester, zijn dienstknecht met zachtzinnigheid bejegenen. Burgers en volken, ja, alle menschen wijst gij op

Zie H. Thomas, 2. 2. q. 184, 186, 189; Denifle, Luther and Luthertum, S. 133—181. Andere opwerpingen tegen de aflaten, de vereering der heiligen, enz., zullen te geschikter plaatse besproken worden.

Sluiten