Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Godvruchtige vrouwen volgden den Zaligmaker en de Apostelen, om hun haar diensten te bewijzen; zij stonden onder het kruis, zij gingen uit, om het ontzield lichaam van Christus te balsemen. Godvruchtige vrouwen stonden ook later den Apostelen ter zijde, diakonessen waren behulpzaam bij het doopen van vrouwen, weduwen waren belast met de zorg der armen 1). Overal, waar het evangelie wordt verkondigd, zal de vrouw den geloofsverkondiger haar liefdediensten bewijzen, en, wat veel meer zegt, de harten der haren tot het opnemen van het goddelijk zaad des evangelies voorbereiden. In den stillen huiselijken kring zal zij door den geur harer deugden haar heidenschen echtgenoot of vader voor Christus winnen, en door de godsdienstige opvoeding harer kinderen en ook van anderen, medewerken aan de uitbreiding der R. K. Kerk. Zoo deden de eerste christen vrouwen te Rome, zoo deden ook de eerste christen vrouwen in de nederlandsche gewesten 2). Hoe ook buiten den kring van het huisgezin heilige vrouwen den weg des evangelies voor de arme heidenen bereidden, lezen wij in de levensgeschiedenis van twee heilige nederlandsche maagden, de H. Harlindis en haar zuster Renildis, die in de achtste eeuw leefden: „In de ouderlijke hoeve (te Maaseyck aan de Maas) leefden Harlindis en Renildis als kloosterlingen. Nog altijd droegen zij den sluier, het teeken harer toewijding aan God, en als echte bruiden des Heeren trachtten zij overal de eer van den goddelijken Bruidegom te bevorderen. In de omliggende streken stonden nog niet weinig afgodsbeelden; hier verrees er een bij een van oudsher heilige bron, daar aan den killen waterplas, elders wederom verscholen op een eenzame plek van het eikenwoud. En als dan beide zusters op haar wandelingen daar kwamen, zagen zij soms een witgebleekten paardekop aan den boomstam vastgenageld, en offerkoeken ter eere der woudgeesten neergelegd.

Dit gezicht ontvlamde haar ijver. Met de knechten van haar vader togen zij ten heiligen kruistocht, verbrijzelden alom de afgodsbeelden en gaven de offers aan de vlammen prijs.

') Aug. Rösler, S. 241; Kirchenlexicon, III, S. 1675. 2) Zie J. C. A. Hezenmans, De Christenvrouw bij de bekeering der Nederlanden.

Sluiten