Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

scher harte, van ganscher ziele, van ganschen gemoede en met alle krachten, de wereld verlaten, onze oude natuur dooden en in een nieuw Godzalig leven wandelen, Ik kan wel zeggen: de kinderen Gods hebben voor niets te vreezen, hoe zwak, hoe zondig, hoe nietig in zich zelve. Gods goedertierenheid over hen is geweldig in hoogte, mateloos in breedte, onpeilbaar in diepte, eindeloos in duur! — zij hebben slechts voor één ding te vreezen: dat zij niet wijken van de verbondswegen des Heeren en dat zij niet uit het oog verliezen de verordeningen van hun God. Eigenlijk staat in onze tekst: Gods verbond houden, dat is: aan Gods bevelen denken. Daarop de gedachten richten. Daarop de ziel spannen. Daar studie van maken. En in dien weg Godverheerlijkende levensdaden aan het licht dragen. Daarom zeg ik tot u: uw hand doe, wat ze vindt om te doen. Niet om den hemel te verdienen, doch om God te verheerlijken in Zijn oneindige goedertierenheid. Als ge slordig zijt in den weg uwer heiligmaking, dan berooft ge u zelf van het volle genot van den zegen en den troost uwer rechtvaardigmaking. Uw levensboom gaat aan het kwijnen, als uw voet treedt op den weg der zondaren. Uw lampke geeft flauw licht, als het niet gedurig vulling ontvangt uit God. Als ge 't waagt met Gods verbondsuerplichtingen te spelen, dan raakt voor u de glans van Gods verbondsuoorrec/?fen af. Ge weet wel van David : de diepste begeerte van zijn leven school daarin: alle de dagen zijns levens te mogen wonen in het huis des Heeren, om de liefelijkheden des Heeren te aanschouwen en te doorzoeken in zjjn tempel. Welnu, daarom juicht David ook Zoo intens verrukt: O Heere, uw goedertierenheid is tot in de hemelen! Maar ge weet ook wel van David: ofschoon hij juichen ging : zoover het Oosten verwijderd is van het Westen, zoover doet Hij onze overtredingen van ons — moest hij in zijn afwijking van den verbondsweg uitkla-

Sluiten