Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

XXXVI. SAMENVATTING.

De schets van de voornaamste verschijningsvormen der mystiek heeft ons oordeel moeten bevestigen, dat het onmogelijk is de mystiek als zoodanig, zonder meer, te grijpen en te teekenen. Zij komt nooit en nergens zuiver voor, maar altijd in verband met godsdienst en cultuur. En niet alleen in het algemeen. Zij verbindt zich altijd met een bepaalden vorm of vormen-verbinding van cultureelen of godsdienstigen aard. Dit ligt voor de hand. Is de mystiek zaak van betrekking, van levende of levens-betrekking tusschen bepaalde grootheden, mensch en God, mensch en natuur, microcosmos en macrocosmos, dan beteekent dit, dat zij een concreete, zelfs min of meer persoonlijke, grootheid is en deze komt nooit zuiver voor, d. w. z. los van elke persoonlijke of tijdelijke bepaaldheid. Vandaar dat wij er den nadruk op hebben gelegd, dat de mystiek altijd uit zekeren bodem opslaat, in zeker klimaat aardt, om bepaalde personen, groepen, gemeenschappen zich kristalliseert en zich dus, als men haar in het algemeen wil behandelen, slechts in den vorm van bepaalde typen laat beschouwen. Deze typen komen niet onmiddellijk voor. Men ontmoet ze niet op straat. Men hoort ze niet direct zich uitspreken in een of ander boek. Zij moeten worden afgeleid uit het levende geheel van personen eri stemmen, als het onzichtbare, maar werkzame stempel, dat zich telkens op verschillende wijze afdrukt in de beweeglijke stof van het menschelijke leven en denken. De mystiek leeft. Zij groeit. Zij vergroeit. Zij groeit samen. Kortom, zij is onderworpen aan de wet van al wat leeft en deze onderwerping is slechts te gevoeliger naar mate zij meer persoonlijk is èn meer te doen heeft met persoonlijke, geestelijke grootheden en waarden. Daarom hebben wijMe figuur „Gestaltwerdung" ten aanzien van de mystiek reeds vroeger als lichtgevend begroet. Trouwens, de mystiek zelve wenscht niet anders.

In elk geval heeft dus elke mystiek te doen met een bepaalden vorm van godsdienst en cultuur. Zij kan op zeer verschillende wijze daartoe in betrekking staan. Het kan zijn direct en indirect, thetisch en critisch, positief en negatief. Als wij b.v. de primitieve mystiek vergelijken met die van PJotinus, zuiver formeel, is het onderscheid zeer sprekend. De eerste verbindt alles met alles, embryologisch, nog ongevormd. De laatste doet tot zekere hoogte hetzelfde, maar zij staat aan het einde van een onderscheidingsen scheidings-proces. Het is het verschil tusschen het nog-niet en

Sluiten