Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wil II dan verzekerd houden, dat het mij ondanks mij zeiven ontviel. Ik.wil niet kwetsen, niemand, U vooral niet, wien ik met velen hooge achting toedraag en wiens wetenschappelijke overtuiging ik eerbiedig. Daarom hoop ik in allen gevalle te zorgen, dat het „ satis acerbe" (al te scJierp), 'twelk Gij met regt in anderen veroordeelt, bl. 3, op mij van geene toepassing zal zijn. Met eerlijkheid en opregtljMd kan, ook bij wetenschappelijke discussie, bescheidenheid en ware humaniteit gepaard gaan.

Maxpbv TcpooCfuw, wat inleiding! Maar Gij zult zelf kunnen gevoelen — en ik behoef er mij niet over te schamen, — dat er eene soort van aarzeling in mij is om verder voort te gaan en tot de zaak te komen.

Br liggen in Uwe Oratie zeer voortreffelijke beginselen op den voorgrond. Gij verkondigt eene vrijheid voor de godgeleerde wetenschap en voor de Christelijke Kerk zoo groot en onbeperkt, en handhaaft haar zoo krachtig, dat de Theologie, — van de Kerk zeg ik dit niet zonder voorbehoud, — dat de Theologie, zoo zij een Patroon gezocht had, niet ligt een meer degelijken en meer weisprekenden pleitbezorger zou gevonden hebben; en Gij beschrijft die vrijheid zoo juist, als eeli ontdaan zijn van alle banden en belemmeringen, die aan de natuurlijke ontwikkeling en daarmee verbonden regten in den weg staan, en Gij veroordeelt alle illiberaliteit, die anderen weigert, wat men voor zich zei ven

Sluiten