Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

meen karakter. Het is er mee als met de Gemeentedagbeweging ; van den aanvang af hebben wij gezegd, dat deze in den grond der zaak niets nieuws bracht, niets aparts of afscheidends. Ze wilde niet anders dan wat immers elke gemeente wil ; zij is dan ook, ondanks de oorspronkelijke tegenkanting, argwaan en misverstanden, hoe langer hoe meer algemeen goed geworden. Haar arbeid wordt broederschapsarbeid, haar huis Broederschapshuis. Wij zijn overtuigd, ook met dezen oproep niets wezenlijk nieuws te brengen, en ook niets aparts of afgezonderds. De geheele arbeid, die wij beoogen, de basis en beginselen zijn o. i. zoo met het wezen der gemeente vervlochten, dat wij meenen te mogen hopen, dat meer en meer het algemeene karakter er van zal worden erkend, en dat de gemeenten eens meer en meer als geheel er aan zullen meedoen. Wij arbeiden in hope !

En toch : wij hebben lang, lang, geaarzeld, alvorens de stem, die ons toch onweerstaanbaar tot dit werk dreef, te volgen met een gehoorzaam : „Zie, hier ben ik". Meer dan twee jaar lang ligt dit werk duidelijk als onze taak voor ons ; tevergeefs hebben sommigen van u, die hetzelfde gevoelden, telkens gevraagd : „is het nog geen tijd om te beginnen" ; het heeft een worsteling van maanden en maanden gekost alvorens we nu eindelijk er mee beginnen. Immers hoeveel meer nog dan bij de Gemeentedagbeweging zal er eerst misverstand rijzen ; hoeveel moeilijker nog zal het zijn om bij dit werk te doen gevoelen, dat wij geen critiek of beoordeelen beoogen, maar slechts een d i e n e n zóó als God ons roept in Christus ; dat geen farizeeuwsche hoogmoed ons drijft, maar honger naar de spijze die de Vader in Hem gaf. Bergen van bezwaren en moeilijkheden zijn voor ons geestesoog verrezen ; wij kennen onze Broederschap, en de wereld, en ook onszelf te goed. Maar tenslotte: wij kennen ook onzen Heer en Heiland, en in Hem het waarachtige leven en het Koninkrijk des Vaders, en Zijn heilige wil, die moge geschieden „gelijk in de Hemelen alzoo ook op aarde." Wij weten hoeveel nood en armoede en hongeren er is ; en wij moeten arbeiden in den naam des Heeren, zullen wij niet ontrouw bevonden worden. Terwijl de tijd, wie weet, hoe kort is !

Genade en vrede van God onzen Vader en den Heer Jezus Christus, zij u en ons, ook door en bij het werk, dat met dezen oproep begint.

n. ENKELE RICHTLIJNEN.

A. Een gemeente des Heeren.

Wat ons verbinden en leiden moet, is allereerst, dat we een gemeente des Heeren willen trachten te zijn en op te bouwen. Bij het zoeken naar het fundament, waarop alleen goed gebouwd, en

Sluiten