Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ook (zoo lezen wij) de wetenschap vormt een eigen levenskring, waarin de waarheid (w.o.) souverein is en onder geen omstandigheden schending of verkrachting van haar levenswet mag geduld. Dat te doen, zou niet alleen de wetenschap onteeren, maar zonde voor God zijn.

Voorts sprekende over de noodzakelijkheid van de Souvereiniteit der wetenschap in eigen kring, zegt de schrijver o.a.: „Met hand en tand moet vastgehouden, dat nooit de Kerk van Christus haar overhoogheid aan de wetenschap mag opdringen. Op het zeer wezenlijk gevaar af, dat ze van de wetenschap schade lij de, moet de Kerk veeleer zelf er op aandringen, dat de wetenschap, zonder ooit slavinne te worden, de haar toekomende Souvereiniteit op eigen erf handhave en leve bij de gratie Gods.

Opdat men den schrijver niet misversta, moet herinnerd, dat deze rede is uitgesproken in 1880, toen wij nog niet tot kerkelijke reformatie waren gekomen en wij ook nog niet samen gingen met de Chr. Gereformeerden. Als de Kerk in geheel gedeformeerden of kranken toestand zich bevindt, dan zeker mag de Kerk niets te zeggen hebben over de beoefening der wetenschap. Maar in dagen van gezond kerkelijk leven is dit anders. Indien toch deze stelling in het algemeen doorging, dan zou het een verschrikkelijke aanklacht zijn tegen de Kerken Christi, alsof zij zulk een suffe pleegmoeder ware, dat zij geen woord zeggen mocht bij de beoefening der wetenschap, en wel vooral in betrekking tot hare aanstaande dienaren aan de Universiteit toebetrouwd. Dan zou het veel hebben van den eisch van een onderwijzer tegenover de ouders, die aan dien onderwijzer een kind hadden toebetrouwd, dat namelijk die ouders geen woord mochten zeggen in zake de opvoeding. En al zou het nu waar zijn, dat die ouders misschien ook veel minder wisten dan de onderwijzer, toch blijven de

Sluiten