Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Eucharistische Congressen (in 1924 te Amsterdam). — Evenals onder de Apostolischen allerlei Roomsche bestanddeelen gevonden worden (bnv. in den eeredienst; het gezag van den priester; de absolutie; de haast pauselijke macht van den apostel, zooals „Vader Krebs" en Niehaus), leert men daar ook dat in het Avondmaal het offer herhaald wordt (S.S., blz. 76). — Hiertegenover geldt o.a. dit woord: „Het vleesch is niet nut; de woorden die Ik tot u spreek, znn geest en znn leven". (Johannes 6:63).

61 Vr. Hoe moet gjj uzelven beproeven, eer gjj tot het Avondmaal des Heeren komt?

Antw. Eerst moet ik onderzoeken, of ik mjjzelven vanwege mijne zonden mishage en mg daarom voor God verootmoedige.

Ten tweede, of ik geloof en vertrouw, dat mg al mgn zonden om Christus' wil vergeven zgn.

Ten derde, of ik ook een ernstig voornemen heb, om voortaan in alle goede werken te wandelen.

De zelfbeproeving ga aan de Avondmaalsviering vooraf. In de Roomsche kerk nemen de kinderen al aan de communie deel. Doch kunnen die zichzelf beproeven? — Eerst moet dus het zaad der kerk onderwezen worden in de leer des Doops. Wat is dat? — Dan komt de beljjdenis des geloofs. Wat hebben wn te beljjden? — Wie niet tot belndenis des geloofs komt, denke niet dat hn nu vrjj is: „door den Doop worden wjj vermaand en verplicht tot een nieuwe gehoorzaamheid" (lees ons Doopsformulier). De Doop verplicht mjj om tot het Avondmaal te komen; en vooraf mjjzelven te beproeven in drie stukken: 1. mishagen over mjjne zonden; 2. „Onderzoekt uzelven of rgjj in het geloof zjjt, beproeft uzelven" (II Corinthen 13:5); 3. ernstig voornemen om voortaan in alle goede werken te wandelen. — Wie zich niet met een oprecht hart tot God bekeert, „eet en drinkt zich-.zelven een oordeel". Niet het oordeel der verdoemenis is bedoeld; ernaar een oordeel, bjjv. van verachting, eigenwijsheid, hoogmoed.

De kerk onderwjjze de leer des Doops. Daarna komt de bewuste aanvaarding van het Doopverbond bjj het afleggen van de belndenis des geloofs. Wie tot de jaren des onderscheids kwam, wordt hiertoe geroepen. De kerk overvrage de jonkheid niet. Maar uitstel is bewijs van traagheid, misschien wel van onverschilligheid.

Sluiten