Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voorgedragen, en de assimilatie der stof wordt voorgesteld als een mechanisch //inkomen" van het wezen of het levensbeginsel in de doode (?) stof, noemt de heer O. hier dualisme, wat niet ligt iemand buiten hem met dien naam zal bestempelen. Of hoe? Omdat de kiem van een levend wezen van elders reeds in den moederschoot assimileert wat zij tot hare ontwikkeling behoeft; omdat de mensch, om te kunnen leven, gestadig voedsel noodig heeft, en dat voedsel, geassimileerd, organische substantie wordt, zou daaruit voortvloeijen, dat de mensch, gelijk het anthropologische dualisme leert, naar zijn wezen uit twee substantiën bestaat, uit ziel en ligchaam ? Is dat dualisme, dan zou men desgelijks uit het feit, dat de menschelijke geest zich ideën of gedachten assimileert, die buiten hem in de natuur staan uitgedsukt, kunnen afleiden, dat de mensch uit twee deelen bestaat: uit den assimilerenden geest en de geassimileerde gedachte. Volgens den heer O. zou men dan evenzeer in de beschrijving van planten en dieren de organische eenheid moeten loochenen, en beweren, dat zij uit twee substantiën bestaan, omdat ook zij uit lucht en aarde of uit het voedsel zich de stof ter hunner ontwikkeling assimileren. En wat mijne voorstelling der onsterfelijkheid betreft, vraag ik: houdt de rups op een individuëel organisch wezen te,zijn, bestaat zij, wat haar wezen betreft, uit twee deelen, omdat men, nadat zich uit de rups de vlinder ontssjklceld heeft, er twee kan tellen: de verlaten pop en den vlinder? En zou dan de voorstelling, dat de mensch, na den vorm, waarin hij op aarde leefde, te hebben afgeworpen, voortleeft in een edeler vorm, waarvan de kiem reeds in den mensch der aarde aanwezig is, het bewijs zijn, dat hij, die deze voorstelling deelt, van oordeel is, dat de mensch uit twee heterogene substantiën bestaat? Zou men niet zoo doende met even goed gevolg bewijzen kunnen, dat mensch en dier niet uit twee, maar uit drie en vier en meer substantiën bestaan, naar gelang van

Sluiten