Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

aard, als de dierlijke en redelijke of ook slechts vegetative verrigtingen verwachten. Wie zich slechts de chemische bestanddeelen van het menschelijke ligchaam herinnert, moet inzien, dat de elementen: zuurstof, waterstof, kool- en stikstof, nevens eenige anderen, aan zich zei ven overgelaten, nooit iets van dien aard, als het menschelijk zieleleven, maar water, koolzuur en' dergeüjken zouden voortbrengen.

Wij zullen dus wel het" regt hebben, om vast te stellen, dat de ziel een van de stof des ligchaams verschillend wezen is.

Maar niet in alle opzigten zijn de redenen, welke de materialist te berde brengt, zoo gereedelijk te wederleggen, al» zijne verklaring der werkzaamheid van de hoogete zielsvermogens. Dit is, wij hebben het reeds gezien, de zwakke zijde van het materialismus, waardoor het niet zoo ligtelijk door psychologen in den echten zin des woords wordt aangenomen, en daarom is de materialist altijd schroomvallig, om zich op dat gebied te begeven. Dit wilde ik, dat men meer in het oog hield, wanneer men tegen het materialisme strijd voert. De materialist en ook de monist zeggen tegen hem, dien zij als dualist beschouwen, (waarbij zij ligchaam en ziel scherp afscheiden): bewijs ons uw dualisme, en nu en dan wordt er met eene magtspreuk bijgevoegd: het dualisme heeft geene titels om zijn bestaan te regtvaardlgen. De dualist heeft meer het regt om tegen den materialist en monist te zeggen: bewija gij dat of de stof of de geest in staat zijn, om al de verrigtingen te volbrengen, die door hem, welke geest en stof in verband met elkander aanneemt, door beiden verrigt en verklaard worden. Voor de materialist zal zelfbewustzijn en het hoogere gevoel in den mensch wel altijd onmogelijk blijven te verklaren.

De materialist is waarlijk, zoo als ik zeide, op alle punten niet zoo zwak als in de verklaring van het bewustzijn en het hoogere gevoel; hij is niet een weinig te vreezen vijand, zoo als men, na het vorige te hebben gelezen, zoude kunnen gelooven. — Zijne grondstellingen kunnen voor het koele, bedaarde, rustige overleg den proef niet doorstaan; de onmogelijkheid daarvan kan, zoo als wij reeds hebben gezien, aangetoond worden. Maar er z$n oogenblikken in het leven

Sluiten