Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

lijk" verstaan, datgene wat aan de zedewet beantwoordt, maar ethisch is wat betrekking heeft op het innerlijk, persoonlijk leven van den mensch, op het hart, als aanknoopingspunt van het verkeer met God, als levensuitgang. (Spr, 4*: 23). Als zoodanig staat ethisch tegenover intellectualistisch, verstandelijk. De protestantsche scholastiek heeft, evengoed de Roomsche, ,,de dingen, die ons van God geschonken zijn" met het verstand trachten te benaderen, te grijpen en te omschrijven, in plaats van uit te gaan van het innerlijk getuigenis des H. Geestes in het hart. Zoo trad doode rechtzinnigheid in de plaats van levend geloof. Als ik b.v. zeg, dat de waarheid niet verstandelijk is, maar ethisch, dan bedoel ik, dat ze zich in de eerste plaats richt tot het hart, en niet tot het hoofd. Zoo zegt Jezus het ook: „Wie uit de waarheid is, hoort mijne stem". Hij zegt niet: wie voor de waarheid is, nog veel minder: wie achter de waarheid is, maar: wie er uit is, wie er uit geboren is, uit ontsprongen is, hoort mijne stem. De waarheid is dus een levensbeginsel, als de zaadkiem in de aarde. Ze bestaat niet uit woorden, termen, dogma's; ze is leven. Ze richt zich tot ons zijn, tot de kern, het wezen onzer persoonlijkheid 1).

De ethische richting neemt dus haar uitgangspunt niet in het begrip, maar „in de realiteit der geestelijke dingen m.a.w. in het leven, zooals dit van godswegen is geopenbaard". *). Ze doet dit ook voor de Theologie. De Kennis Gods, waarvan de Theologie uitgaat, is in de wedergeboorte gegeven. Eerst het leven, het innerlijk leven uit en met God, en, daaraan ondergeschikt, het begrip, de leer. Eerst het hart, als het beheerschend middenpunt, en dan het verstand. De orthodoxie zegt: door de leer tot het leven, de ethische richting: door het leven tot de leer. De orthodoxie: beleef uwe belijdenis, de ethische richting: belijd

') »De Ethische richting". Dr. v. d. Flier pg. 7. *) Valeton a.w. pg. 9.

Sluiten