Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Doch mijn God zal naar Zijn rijkdom vervullen al uwe nooddruft, in heerlijkheid, door Christus Jezus. Philip. 4 : 19.

Geliefden in onzen Heere Jezus Christus. '

Het is met weemoed, dat ik hier voor u sta en toch ook met een gevoel van dankbaarheid Met weemoed, omdat het de laatste maal is, dat ik als eigen leeraar dezer gemeente, voor u optreed. Met dankbaarheid, omdat ik mag terugzien op vele zegeningen, die ik hier genoten heb, op veel hartelijkheid en liefde, die ik van u ondervonden heb; en ook omdat ik mag gedenken mijn arbeid, dien ik met veel liefde en toewijding onder u heb mogen verrichten, en die, hoeveel gebreken er ook aan kleefden, nochthans door God gezegend is.

Nu zal ik straks zonder u mijn wég moeten gaan en gij zonder mij. Onze wegen loopen nu uiteen. En hoe zal het in de toekomst dan gaan? Wij weten het niet. We kunnen niet vooruit zien, maar we hebben wél geleerd, gij en ik, om opwaarts te zien. We heffen onze oogen op tot onzen God, van Wien onze verwachting is.

Op Hem wil ik wijzen in deze af scheidsure.' Ik wil dat doen met het woord van Paulus (Philip. 4 : 19): Doch mijn God zal naar Zijn rijkdom vervullen al uwe nooddruft, in heerlijkheid, door Christus Jezus.

Laat ons vooraf den Heere bidden, dat Hij ook onze nooddruft in deze ure vervulle.

Paulus is aan het einde van dezen brief gekomen. En nu gedenkt hij de weldadigheid, die de Phippensen aan hem betoond hebben en dankt hij hun daarvoor. Eerst, heeft hij de leer der godzaligheid uiteengezet, hen vermaand, vertoost, bemoedigd, versterkt; en nu, aan het einde vermeldt hij met dankbaarheid en blijdschap wat zij aan hem hebben gedaan. Ik ben grootelijks verblijd geweest in den Heere, dat gij nu eenmaal wederom verwakkerd zijt om aan mij te gedenken, zoo zegt hij in vs. 10. Ze hebben hem gaven gezonden tot zijne nooddruft. Ze hadden er al eerder aan gedacht, maar niet altijd de gelegenheid er voor gehad, 't Waren ook voor hen moeilijke tijden. En dan herinnert de apostel zich, vs. 15 en 16, dat zij vroeger, in het begin des evangelies, toen hij uit Macedonië vertrokken was,

Sluiten