Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Een kruis voor de ouders.

Maar een kruis, dat zwaarder wordt, als dat kind grooter wordt.

Dan doen zij vader en moeder de waarheid ervaren van het woord:

„De kleinen trappen ons op 't kleed; De grooten op het hart".

Dan gedragen ze zich zoo, dat de wolk van boven het huiselijk leven niet meer wegtrekt.

Dan hebben ze alle gehoorzaamheid van zich afgeschud; dan gaan ze hun eigen booze pad, hun gevaarlijke pad. Als vader en moeder het nog eens wagen ze zachtkens te vermanen, dan hebben ze een snauw terug en een hooghartige lach.

Dan doen ze in hun eenzaamheid of in verkeerd gezelschap dingen, waarvan ze weten, dat vader en moeder daar toch zóó op tegen hebben en dan spreken ze over vader en moeder op een wijze, die aan allen eerbied is gespeend.

Dan zitten vader en moeder gansche avonden over hen in zorg en de nachten door waken en bidden ze voor hen.

Dan wordt door hun gedrag het levensgeluk van hun ouders beneveld, de levenskracht gebroken.

En zij kunnen het aanzien met onbewogen hart, hoe zij door hun boosheid den dood brengen over hen, aan wie zij het leven hebben te danken.

En straks, als vader en moeder oud geworden zijn, en behoefte hebben aan der kinderen steun en zorg, dan heeft het ongehoorzame, opstandige kind van vroeger, nu groot geworden, voor zijn arme ouders niets over; geen offer van zijn overvloed, geen plaatsje in zijn huis, aan zijn haard.

En terwijl het zelf in weelde leeft, levert het zijn ouders over aan de barmhartigheid van vreemden.

„Weg er mee; ik wil er niet mee te doen hebben, als ik er maar af ben".

Onverlaten die zij zijn en hun bitter gedrag doet het den mishandelden ouders ervaren, dat het nog wel telkens waar is, wat het eenvoudige versje zegt:

„Eer brengt een arme vader, met vreugd zes kinderen groot, Dan dat zes rijke kinderen, hem koesteren in den nood". Ach, zoo zijn er velen.

Of dat nu in onzen tijd erger is dan vroeger, gemeente, ik weet het niet.

Toen was daar ook al een Kaïn, die het hart van zijn ouders brak, een Cham, die in gemeenheid zijn vader bespotte, een Absalom, die in duivelsche list een kuil groef voor zijn vader.

Neen, of het nu erger is dan vroeger, weet ik niet, maar dat het nu erg genoeg is, ook in onze gemeente, dat is zeker.

Jonge menschen, zijn er onder u niet, die in heel hun gedrag toonen, dat zij niets om hun ouders geven? Zijn er ook onder u niet, die tegen het uitdrukkelijk verbod van vader en moeder,

Sluiten