Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

winnend, magisch krachtig, voorspoedig maakte, lijdt weer aan het euvel, dat de siddhayatra op den achtergrond raakt, zoodat men er dan eerder toe zou komen een enge verbinding tusschen crïwijaya en jayasiddhayatra te leggen en te vertalen, dat de vorst het rijk X magisch krachtig tot een overwinning op Crïwijaya maakte 1). Taalkundig zou dat ongetwijfeld mogelijk zijn, doch ook hier is ons bezwaar, dat jayasiddhayatra alleen en zonder nadere bepaling de technische term der kleine inscripties is, die geen verduidelijking behoeft en in dit geval zeker beter op zijn plaats is dan een dubbelzinnig compositum, waarbij ieder lezer toch allereerst aan een overwinning van Crïwijaya zou denken.

Dit alles tezamen doet ons de waarschijnlijkheid van aanvulling der lacune met een op een onbekend rijk slaanden eigennaam verwerpen, en de hypothese aanvaarden van een woord, dat „rijk" met „Crïwijaya" verbindt: de mededeeling der inscriptie culmineert dan in het feit, dat de koning, uitgegaan om siddhayatra, inderdaad het rijk Crïwijaya magisch krachtig vermocht te maken. Wij voegen er dadelijk bij, dat hij dit dan natuurlijk gedaan heeft op de plek, waar blijkens de korte inscripties siddhayatra te verwerven was en waar een der beide steenen, die het feit in kwestie boekstaafden, werd neergelegd.

Wat er is voorafgegaan, beschrijft de wijze, waarop hij het heiligdom bereikt heeft, eerst per schip en dan, te beginnen met een plaats, die blijkens het eerste deel van den naam, Minana. aan een riviermond moet hebben gelegen, gedeeltelijk te water en gedeeltelijk te land. Ook in Mataja.... blijven wij met den eersten uitgever der inscriptie een plaatsnaam vermoeden -). Het geheel vindt verreweg zijn beste verklaring in een tocht eerst over zee en dan langs een rivier het binnenland in. Bij deze opmerking voegen wij een tweede, dat de koning, die Crïwijaya magisch sterkte, uit den aard de koning van Crïwijaya is, en

*) Stutterheim, 1.1. p. 3 vg.

*) Van Ronkel, Acta Oriënt al ia 2 (1924), p. 21.

410

Sluiten