Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

6.

GEBED VOOR HET KONINKLIJK HUIS EN DE OVERHEID.

Hij, die den koningen hulp, den gezalfden heerschappij verleent, Wiens rijk het rijk aller eeuwigheid is; die Zijnen knecht David van het moordend zwaard gered heeft; die in de zee eenen weg, in geweldige wateren een pad baant; die zegene, beware, behoede, helpe, verhooge, vergroote en verheffe tot het toppunt van aanzien:

Hare Majesteit de Koningin der Nederlanden en Hoogstderzelver Gemaal; Hare Koninklijke Hoogheid de Prinses, hunne dochter; Hare Majesteit de Koningin-Weduwe, de afstammelingen van het Koninklijk Huis van OranjeNassau; de doorluchtige Leden die tot het bestuur dezer landen medewerken en de Edelachtbare Heeren Burgemeester en Wethouders dezer Stad Amsterdam,

De Koning aller Koningen behoede hen met Zijne albarmhartigheid, houde hen in het leven, en redde hen uit allen nood en gevaar. De Koning aller Konirfgen verheffe en verhooge in Zijne albarmhartigheid de geluksster hunner regeering, en dat zij gedurende eene reeks van jaren in hunne heerschappij blijven. De Koning aller Koningen geve, met Zijne albarmhartigheid, in hun hart, alsmede in dat van al hunne raadsheeren en vorsten, welwillendheid, om ons en onze broeders, gansch Israël, wel te doen. Dat in hunne en onze dagen Juda geholpen worde, en Israël rustig wone! Dat de Verlosser te Zion kome! Moge dit [Gode] welgevallig zijn! en laat ons hierop zeggen: Amen!

7.

KOORGEZANG BIJ HET TERUGBRENGEN DER WETSROLLEN.

Blijf Israël een Licht, een Toevlugt allerwegen, Gedenk 't Verbond met die U zijn verknocht Laat ons Uw adem voelen, kom ons tegen In 't Bedehuis door Uwe hand gewrocht

Versieren wij nog vaak deze U gewijde woning Met frissche kransen die de erinring vlocht, Tot Gij ons dragen zult en planten ons, o Koning, In d' Eeuw'gen Tempelhof door Uwe hand gewrocht.

Juich en verheug u, gemeente Talmoed Tora Sierlijke krans, prachtige kroon.

Sluiten