Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

12 : 24, 27, 28, Mk. 3 : 22, Lk. 11 : 15, 18, 19). Meer nog loont het de moeite te letten op de plaatsen, die we in zekeren zin kunnen beschouwen als de omgekeerde van de besprokene n. 1. zulke, waar we lezen, dat bepaalde personen spreken door de werkingen Gods of des Geestes. Ook daarvoor vinden we zoowel iv als SA gebruikt. Bij Sm wordt weer steeds de inhoud van het spreken vermeld (Hd. 21 : 4 vgl. ook Mt. 2 : 5, Joh. 1 : 17, Hd. 11 : 28), bij h vindt men zoowel plaatsen zonder inhoud (2 Kor. 2 : 17, 12 : 19), die men met Sm. nooit vindt, als plaatsen met genoemden inhoud (Mk. 12 : 26, 1 Kor. 12 : 3 bis). Eindelijk achten we een zeer sterk bewijs voor ons gevoelen Hebr. 2 : 3, waar we lezen XxMo-B-au Sta. roü tcuplov, wel een bewijs, dat het op den inhoud bovenal aankomt. Trouwens tmrripm is hier duidelijk hoofdbegrip. Nog merken we op, dat onze verklaring alleen geldt het hier besproken geval. Als onderwerp of werkwoord veranderen, dan wordt de constructie anders, ook zelfs al komt de beteekenis vrijwel op hetzelfde neer. Men zie Rom. 11 : 2, 2 Petr. 3 : 2, Jud. : 17. Het is thans niet noodig deze en dergelijke plaatsen nader te beschouwen. Het kwam er hier op aan de juiste beteekenis van iv in de uitdrukking iv rdg Tpaprrrcua vast te stellen en dat in onderscheiding van, zoowel als in verband met Sm.

Verbeteringen.

Men gelieve in dit geschrift te veranderen: bl. 9, r. 7 v. o. oL<rm in oLo-m (paroxytonon); bl. 16, r. 7 v. b. firn In rWn (met Dagesch forte); r. lOv.o. rnnK in rVVW (met n); bl. 19, r. 5 v. o. toót&v in toótw (zonder circumflexus); bl. 28, r. 13 v. b. auu>v in xiüv (oxytonon); bl. 32, r. 7 v. o. tcolttip in toltyip (oxytonon).

Aan welwillende beoordeeling van zeer geachte en bevoegde zijde dank ik het, dat ik de volgende verbeteringen kan aanbrengen in mijn artikel: Enkele opmerkingen over 2 Kor. 5 : 1—4, Theol. Stud. 1909. bl. 253 vlg.

Bl. 267 regel 14 en 15 staat verkeerd gen. appos. of epexeg. Zie o. a. Woltjer. Lat Gramm*. § 404. Bl. 282 en 283 kan het lidwoord ex' voor voor ovreg beter verklaard naar V. Veldhuizen, Taaleigen, bl. 148. Bl. 283 regel 7 v. o. staat é*i rot/ro lees «rt toüt^.

Sluiten