Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

was voor mijn aangezicht als de onreinheid eener afgezonderde vrouw. Daarom goot Ik mijne grimmigheid over hen uit, om des bloeds wil dat zij in het land vergoten hadden, en om hunne drekgoden, waarmede zy dat verontreinigd hadden. En Ik verstrooide ze onder de heidenen en zij werden verspreid in de landen: Ik oordeelde ze naar hunnen weg en naar hunne handelingen. Als zy nu tot de heidenen kwamen waarhenen zy getogen waren, ontheiligden zij mijnen heiligen naam, omdat men van hen zeide: Dezen zyn het volk des Heeren en zyn uit zyn land uitgegaan. Maar ik verschoonde hen om mijnen heiligen naam, dien het huis Israels ontheiligde onder de heidenen waarhenen zij gekomen waren. Daarom zeg tot het huis Israels: Zoo zegt de Heere Heere: Ik doe het niet om uwentwil, gij huis Israels, maar om mijnen heiügen naam, dien gijheden ontheiligd hebt onder de heidenen waarhenen gij gekomen zyt. Want Ik zal mijnen grooten naam heiligen, die onder de heidenen ontheiligd is, dien gij in het midden van hen ontheiligd hebt; en de heidenen zullen weten, dat Ik de Heere ben, spreekt de Heere Heere, als Ik aan u voor hunne oogen zal geheiligd zyn. Want Ik zal u uit de heidenen halen, en zal u uit alle de landen vergaderen, en Ik zal u in uw land brengen. Dan zal Ik rein water op u sprengen en gij zult rein worden. Van alle uwe onreinheden en van alle uwe drekgoden zal Ik u reinigen. En Ik zal u een nieuw hart geven, en zal een nieuwen geest geven in het binnenste van u; en Ik zal het steenen hart uit uw vleesch wegnemen, en zal u een vleezen hart geven. En Ik zal mijnen Geest geven in het binnenste van u, en Ik zal maken, dat gij in mijne inzettingen zult wandelen en mijne rechten zult bewaren en doen." 40)

MOGEN slechts drie plaatsen, ontleend aan het Nieuwe Testament, op waardige wijze deze reeks van aanhalingen uit het Oude Testament besluiten. De Profeet der profeten, Jezus van Nazareth, zeide tot de Joden:

40) Ezech. 36 : 16—27.

Sluiten