Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

was een familielid van Marie. Dagelijks bezocht hij de vluchtelingen, met wie hij het Woord Gods las en die hij met den eenigen troost, die ons in zulke tijden kan helpen, troostte. Drie dagen bleven zij in Beredjik, toen ging het verder naar Oerfa. Zij hadden nagenoeg geen eten, doch God schonk hun iederen dag de genade, die er noodig was. Al naar mate hun leed grooter werd, werd ook de troost van Boven grooter. De soldaten waren zeer hard en als dieren werden zij voortgedreven.

Van Oerfa ging het naar Haran, de stad Abrahams, waar zij bijzonder veel last hadden van soldaten en Arabieren. Men gaf hun niets te drinken. Door den dorst geplaagd, dronk Marie water uit een poel, waarin doode sprinkhanen lagen en als gevolg daarvan kreeg zij eenen hevigen aanval van dysenterie. Weer moest zij verder. Haar man had zijne doodzieke vrouw, op een ezel gezet en met moeite kwamen zij vooruit. Acht dagen bleven zij in Raka. Van Raka ging het verder naar Deir-es-Zor aan den Eufraat.

Als door een wonder kwam Marie haar ernstige ziekte niettegenstaande de groote hitte langzaam te boven. In de nabijheid van Deires-Zor bleven zij een jaar. Het was een naar verhouding rustige tijd, waarin zij echter twee kinderen en nog een aantal andere familieleden aan typhus verloor. Niets bleef deze ongelukkige vluchtelingen bespaard. Op zekeren dag bereikte hun het bericht, dat alle Armeniërsin de woestijn zouden worden afgeslacht. Spoedig kwamen ook zij aan de beurt en met haar man en een kind van vijf jaar werden zij over den Eufraat gezet en ging het door het uitgestrekte woestijngebied van Mesopotamië verder. Ontzettende dingen hebben ze daar moeten beleven. Overal lagen dooden, of menschen in doodsstrijd; zij zelf werden geslagen, mishandeld, gesmaad, niettegenstaande ze wisten, dat ook hun uur had geslagen, waren ze innerlijk stil en kalm geworden. Acht dagen lang liepen ze door dit groote doodsveld. Ik kan niet alles herhalen, maar het waren afschuwelijke tooneelen, die zij voor mijn oog ontrolde. Zij zag duizenden menschen, die van dorst versmachtten en op het heete woestijnzand van honger omkwamen. Zij smeekten om een weinig water, om een stukje brood, maar niemand gaf het hun.

Sluiten