Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Sommigen beweren zelfs, met eenige overdrijving, dat in vele opzichten verhoudingen als in de dagen van de Oost-Indische Compagnie weer zijn teruggekeerd 1

Hoe vreemd dit ook op het eerste hooren moge klinken, als men zoo nu en dan eens luistert naar de mateloos-verachtelijke toon, die in veel Europeesche bladen in Indië wordt aangeslagen tegen al wat inlandsch is, gelooft men dergelijke beweringen met minder groote reserve.

Als men wel eens in aanraking gekomen is met jonge Indonesische intellectueelen, valt het niet moeilijk bij hen een toenemende verbittering over de situatie in Ned. Oost-Indië waar te nemen.

Terecht spreekt de oud-zendingsconsul Crommelin over een terugkeer van de onderdrukkings-psychose in Indië.

't Is hier niet de plaats om de oorzaken daarvan op te sporen.

De koloniale geschiedenis van de laatste jaren heeft het ons duidelijker dan ooit geleerd, dat de verhouding Nederland-Indië slechts dan aan Gods wil beantwoordt, wanneer het Nederlandsche volk de volkeren van Indië als zijn naaste leert beschouwen, waaraan het van Godswege een taak heeft te vervullen 1

Het gebod: „Gij zult uw naaste liefhebben als uzelf" geldt niet alleen voor individuën, maar ook voor volken, die met elkaar relatie hebben. Holland en Indië hebben relatie met elkaar. Daaraan is niets meer te doen. Nederland heeft daarom de goddelijke opdracht om de volken van Indië lief te hebben en te dienen om Christus wil!

Nóch de gedachte van de Rijks-eenheid van het Koninkrijk der Nederlanden, nóch idealistisch gezwaai met de synthese-leuze, noch de leus: „Indië los van Holland", nóch „regeeren met de knoet" en fascistische verheerlijking van Indië als wingewest, hebben iets te maken met gehoorzaamheid aan Gods wil. Slechts offerbereidheid, dienstbereidheid heeft recht op de naam gehoorzaamheid aan God ten aanzien van Indië.

't Is best mogelijk, dat een dergelijke houding ons niet altijd financiëele baten zal brengen, maar dan nog is het Gods wil, dat wij daarin zullen volharden, zoolang Hij het wil.

„Als Indië eens Suriname werd, wat dan ?" vroeg Dr C. L. van Doorn in een Eltheto-artikel. Ja, wat dan ?

Zou het dan niet duidelijk worden, dat de verhouding Nederland-Indië alleen maar gedragen kan worden door offerbereidheid, liefde en dienstwilligheid ?

Sluiten