Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dagsschoolkind voor zoover het reeds op de Zondagsschool heeft leeren kennen wat de dag des Heeren is en wat die eischt.

En wanneer dan dat eerste verzet niet baat? Ik zou oordeelen, dat men dan het kind zou moeten laten gaan, om het althans niet te verliezen voor de Zondagsschool. Dat verlof is dan geen sanctioneeren van dien wedstrijd van uit uw eigen Christelijk standpunt; maar het is bukken voor de overmacht, die u het kind alleen laat gedurende den tijd, waarin er geen voetbal wordt gespeeld. Vermoedelijk is het overbodig, op te merken, dat hier alleen in het voetballen één van de vele gevallen wordt genoemd bij wijze van voorbeeld.

Evenzoo zie ik de moeilijkheid, dat men misschien een betrekkelijk groot aantal kinderen alleen zou kunnen krijgen voor de Zondagsschool onder de godsdienstoefening. Het liefst houden we die uren vrij. Voor de leiders en leidsters; en als paedagogisch-religieuzen maatregel, om den kinderen bij te brengen en in te hameren het besef: dat deel van den Zondag is voor de kerk, en alleen voor de kerk, bestemd. Maar, wanneer een flink aantal kinderen door dat uur zou verdwijnen van de Zondagsschool, dan zou ik het geen bezwaar achten, dat de Zondagsschool op dat uur gehouden werd; waarbij dan voor een voldoende aantal onderwijspersoneel zou moeten worden gezorgd, om afwisseling en daardoor mogelijkheid van kerkgang te scheppen.

Zoo zou op verschillende gevolgen van de hedendaagsche Zondagsviering voor de Zondagsschool zijn te wijzen. In elk van die dient te worden overwogen, of de methode van verzet of van toegeven moet worden toegepast. Maar in vele gevallen zal de Zondagsschool wel moeten toegeven, om de leerlingen niet te verliezen.

Zoo staat het dan, in het algemeen gezien, ten opzichte van de practijk der Zondagsviering. Daarna komt ter sprake en dient nu te worden overwogen de andere vraag: wat de Zondagsschool kan doen en moet doen, om de heidensche, wereldsche en reeds anti-Christelijke Zondagsbeschouwing tegen te staan. Om het pleit te voeren voor de bewaring en de herovering van den Zondag als dag des Heeren.

Dat is immers een belangrijk stuk van het programma van de Zondagsschool; het strijden met den modernen tijdgeest over den dag des Heeren. En elk Zondagsschoolonderwijzer en Zondagsschoolonderwijzeres moet dat steeds voor oogen staan. Ook hier is gevaar, dat we door de lange gewoonte de dingen niet altijd meer zien in hun volle en ernstige beteekenis.

Sluiten