Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gerij naar politieke rechten. Zoo ontstond er een spanning tusschen de standen. Hier kwam nog bij, dat de phalanx of aaneengesloten slagorde in de krijgvoering haar intrede deed, zoodat het overwicht van de weltoegeruste, in den strijd bekwame ruiters of zwaargewapende voorkampers, die uit den adel gerekruteerd werden, wegviel. Ondanks de door dit alles veroorzaakte wrijving tusschen adel en niet-adel kwam het in Athene toch nimmer tot zulke gewelddadige omwentelingen en gruwelijke tooneelen als elders in Griekenland. In Milete sleepte het volk de kinderen der rijken bijeen om ze dood te martelen, waarvoor de andere partij later weer wraak nam door de kinderen hunner tegenstanders met teer te bestrijken en in brand te steken. In Attica bleven niettegenstaande de democratiseering adelijke personen steeds een leidende rol vervullen, doordat de volkswenschen daar meestal bij de „upper ten" meer gehoor vonden dan elders.

In 594 voor Christus bracht de algemeen geachte Solon een groote ontspanning in den bovengeschetsten ondragelijken toestand door zijn wetgeving. Zelf uit een aanzienlijk geslacht gesproten, wist hij adel en volk met elkaar te verzoenen en den schuldenlast te verlichien. Geen Athener kon voortaan meer wegens schuld als slaaf verkocht worden. Solon verdeelde het volk in vier klassen, waarbij de grootte van het vermogen (spéciaal het grondbezit) de maatstaf vormde. Het beginsel van politieke gelijkheid lag reeds eenigszins aan zijn hervorming ten grondslag, maar bij die eerste schrede bleef het Atheensche volk niet staan. Onder Pisistratus (545 v. Chr.) en nog meer onder Clisthenes kreeg het in de tweede helft der zesde eeuw v. Chr. zelf de heerschappij. Als oppermachtige partij had de adel sinds afgedaan. In deze „eeuw van Pericles" stond

Sluiten