Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat het hem moeite zal gekost hebben, ook in deze kleinigheden af te dalen en gehoorzaam te zijn, en dat hij slechts noodgedrongen de reine sfeer der Evangelieprediking, der theologie verlaat, om in het rumoer der praktische dingen af te dalen.

Maar gelijk hij indertijd had uitgeroepen : „Wee mij, zoo ik het Evangelie niet verkondig", zoo kon hij ook hier getuigen : „De nood is mij opgelegd", ik moet collecteeren ; vooreerst in het belang der behoeftige gemeente, vervolgens in het belang der gevers zelf. want een bekeering is nog niet echt, zoolang zij de beurs gesloten houdt. Niet dat geven op zichzelf van beteekenis is, maar de wijze waarop, en de drijfveer waardoor men geeft. En de Apostel weet dat het zijn plicht is, te wijzen op de praktische gevolgen van het geloof in den gekruisten Christus ; hij weet dat niets zoo moeilijk is voor sommige naturen dan ook hun stoffelijke gaven "te beschouwen als het eigendom des Heeren ; hij weet bovendien dat dé godsdienst der zelfverloochening, dien hij prediken. mag, een ijdel woord blijft, zoolang die godsdienst zich niet openbaart in de kleine praktische dingen van het dagelijksche leven.

Ziet op welk een hoogte hij zich stelt om deze „kleinigheden" te behandelen, hoe hij alles tot Christus herleidt,- eri van Christus weder doet uitgaan : „Gij weet, (8 : 9) schrijft hij, de genade van onzen Heere Jezus Christus ; dat Hij om uwentwil is arm geworden, daar Hij rijk was, opdat gij door zijne armoede zoudt rijk worden." — „Welnu, zoo ontwikkelt hij verder zijn gedachte, dan is het ook uw plicht thans de oprechtheid uwer liefde, uwer bekeering, te toonen en u te geven voor uw broeders, voor uw geloofsgenooten in den nood."

En voor wie pleit Paulus met zooveel vuur, met zooveel geestdrift ? Voor de een of andere gemeente door hem zelf gesticht, voor het een of ander werk door hem zelf, op zijn menigvuldige zendingsreizen, georganiseerd en waarvan de instandhouding hem nu bovenal ter harte gaat ? Neen, hij pleit voor een gemeente die hem kwalijk gezind is, een gemeente die hem, bij voortduring, allerlei verdriet aandoet, de gemeente van Jeruzalem.

Scherpt hier uw aandacht, herinnert u wat de Handelingen

Sluiten