Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dïe hij ondervindt. Is hij eenzaam en verlaten, hij dankt voor de toevlucht die hem rest in 's Vaders armen, aan 's Vaders hart. Steeds meer ondervindt hij, dat het geheim van het levensgeluk niet bestaat in overvloed, verzadiging, hoogheid, wijsheid, gezondheid, maar in de kennis van Christus en de kracht Zijner opstanding, in de daaruit voortvloeiende zielestemming, die steeds getuigt: „Wat God doet is welgedaan."

Mag ik u hier op de lijdensgeschiedenis van een buitengewoon begenadigde Christin wijzen, door God in 's levens lente weggerukt van de zijde harer dierbaren? Ik bedoel: Adèle Kanurt. Eerst spreekt deze groote lijderes van een geduldig aanvaarden der beproeving: „Neem met onderwerping aan het leed dat u wordt toegezonden en geef aan anderen in vreugde weder wat gij aan voorrechten ontvangt" x) Daarna noemt zij haar leven, niet ondanks haar smartelijk lijden maar juist daarom, het gelukkigste dat'zich ooit liet denken of dat maar ooit denkbaar, zou zijn, en verklaart zij het voor geen ander te willen inruilen, daar zij slechts roemen kan in zegeningen Maar dan gaat zij nog verder en spreekt zij van een levensgeluk, dat zij slechts geniet met vreezè en beven, ja, waaronder zij steeds kleiner wordt eq haar tot op het smartelijke af verootmoedigt, omdat zooveel duizenden en millioenen niet kennen de voorrechten die zij geniet (L.c. pp. 151, 153). Het is niet alleen: ik wil lijden, of ik kan lijden, maar: ik mag lijden en mijn God zij daarvoor gedankt. Is het wonder, dat zij voor allen naar waarheid kon getuigen: „Het levert en de dood zijn mij een gelijke vreugde?" Het is het woord van deiï Apostel: „Hetzij dat wij leven, wij leven den Heere; hetzij' dat wij sterven, wij sterven den Heere. Hetzij. dan dat wij leven, hetzij dat wij sterven, wij zijn des Heeren" (Rom. 14 :8).

Ziet gij het geheim der ware tevredenheid? De wetenschap: „Ik ben in Gods handen, naar lichaam en ziel, voor tijd en eeuwigheid." Voelt ge u zwak en ganschelijk onbekwaam tot zulk een getuigenis; beschouwt ge als onmogelijk in uw geval, in uw omstandigheden de verklaring van den Apostel: „Ik heb geleerd vergenoegd te zijn?" Het is de God die geeft wat Hij beveelt, die ook u toeroept: „Wordt krachtig in den Heere en in de

') Paul Sèïppel; Adèle Kamm. p. 128

Sluiten