Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gezag helpen schragen, zooveel ons mogelijk is, Ja, wie onzer zou den koning niet eeren, wij, die als Nederlanders, tfns geregeerd weten door een Koningin zóó edel én fier, dat haar naam zelfs in het republikeinsche Frankrijk een goeden klank heeft, een Koningin, die een man, zooals mij dezer dagen te Zwolle verteld werd door iemand uit het volk, toen deze zijn paard en daarmede zijn kostwinning verloren had en hij dit op zijn eigeneenvoudige wijze der Hooge Vrouwe meedeelde, terstond, natuurlijk na onderzoek, de middelen verschafte om een nieuw beest te koopen; ziet! dat is onze Koningin, een hart van goud, medelevend en medevoelend met haar volk, wier begeerte het is,.dat de nood van het volk in al zijn diepte gepeild worde, en naar de mate van de macht der Overheid door deze worde bestreden. Ja, wie zou Haar niet eeren, de afstammelinge van den „Vader des Vaderlands", dien godvreezende, dien waren democraat Prins Willem van Oranje die goed en bloed en eere en aanzien vrijelijk ten offer bracht om het verdrukte volk, de verdrukte gemeente des Heeren in deze landen te hulp te komen, Oranje had een hart voor Kerk en Vaderland. Kerk, Oranje en Vaderland waren steeds één en behooren ook bijeen. Neen, wij zullen als zonen der Hervorming en ware vaderlanders niet dulden, dat men onze Koningin beleedigt, veel minder naar den troon staat. De verbreking van het drievoudig snoer: Oranje, Kerk en Vaderland zal niet geschieden, tenzij dan onder het oordeel Gods! ... Maar ach, wie en wat zijn wij, wat is de gemeente des Heeren in en op zichzelve?! Wat vermag zij, in'zichzelf zoo zwak tegen het geweld van allen, die het toeleggen op de verwoesting van huwelijk en huisgezin, van Kerk en Staat, van Nederland en Oranje?! „Met

Sluiten