Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

v^rstaan ^ net woord van den Apostel: „Alles is uwe... doch gij zijt van Christus en Christus is Gods" (1 Cor. 3:21-23) Alles het uwe. Ook de goederen dezer aarde, die wij dan be^ zitten als niet bezittende. Die wij nooit beschouwen (en hier komt de vertaling: „rijk zijln lot ;God" bijzonder tot haar recht) als ons eigendom, maar als het eigendom van God, ons slechts in bruikleen afgestaan.

Daar zijn er die veel hebben verdiend de laatste jaren; laat hun vraag niet zijn: „Wat zal ik doen met deze mijne goederen ? maar: „Wat w(il God dat ik er mede doen zal' tot Zijn eer?" En ik geef u de verzekering/ dat bij hen niejt! gebedeld zal behoeven te worden; dat zij spontaan zullen meeleven met al wat in Gods dienst, voor Gods zaak wordt verricht. Anderen zijn er, die groote verbezen hadden te boeken, die thans ook nog met zorg vervuld zijn met het oog op de toekomst, als zij denken aan de economische ontwrichting der (maatschappij en aan het roekeloos wroeten der anarchistische, stroomingen. Laat geen droefheid hun hart vervullen. Laat teleurstelling hun levensenergie niet breken. Hun zorgen mogen hen niet verlammen en dat zal ook niet geschieden, zoo zij slechtsi de dingen dezer aarde beschouwen bij het licht der eeuwigheid,, zoo zij maar in alles Gods leiding aanbidden, achter alles God zelf zien, zoo hun hart maar niet steunt , op hetgeen komt en gaat, doch rust in Hem, Wiens naam is Vredevorst.

Zoekt dan den rijkdom die in God is; bidt djat gij moogt behaoren tot die armen, die God heeft uitverkoren „om rijk' te zijn m het geloof" (Jac. 2 :5) en te midden van alle wisselende kansen des levens kult gij kalm en bhjde kunnen getuigen: De Heere is mijn genoegzaam deel, zegt mijn ziel, daarom zal ik' op Hem hopen . (Kkagl. 3:24.)

¥.^tg(^*cllten vervulden ons bij den aanvang dezer over«J^Ijo Bij het vergankebjke van alle dingen werden wij Wepaald? De vallende bladeren waren ons een treffend beeld van den naderenden dood, die alles ons ontneemt? Voor den gelbóvige is de dood een bode des levens; de vergankeHjkheid aller dingen doet hem dichter schuilen bij Hem die eeuwig blijft, doet hem vuriger verlangen naar die schatten die niet kunnen verderven? en na eerst met weemoed te hebben geluisterd naar de dichterlijke) klanken: i

Sluiten