Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het woord : „P h a i 1".

Alle Joden en Israëlieten, die ooit hun beloofde land hebben verlaten, waren op de hoogte van de verschillende beloften aan hun volk gedaan. Zij zelf waren immers kinderen der Belofte, kinderen van Isaak, in wiens naam zij zich immers mochten noemen ? Want Isaak beteekent „lachen", het blijde accepteeren van die belofte, het was van de oudste tijden af bekend.

In Gen. 17 : 2 lezen wij daarover : „Ik zal mijn verbond stellen tusschen mij en tusschen u en Ik zal u gansch zeer vermenigvuldigen, zie... . gij zult tot een vader van menigte der volken worden en ... . Ik zal mijn verbond oprichten tusschen Mij en tusschen u en uw zaad na u in hunne geslachten, tot een eeuwig verbond, om u te zijn tot een God, en uw zaad na u."

Dat steeds van de oudste tijden af steenen teekens werden opgericht, als altaren, of gedenkteekens voor de Beloften, kunnen wij overal in den Bijbel terugvinden.

De Steen was het centrale punt, waar men zich het Verbond herinnerde, het heilige Centrum.

Jesaya beschrijft (9 : 5) ons het geloof in de vastheid van die rots der Belofte, als hij zegt: „een zoon is ons gegeven, men noemt zijnen naam Wonderlijk (Raad, Sterke God, Vader der eeuwigheid, Vredevorst). Der grootheid dezer heerschappij en des vredes zal geen e i n d e z ij n op den troon van David en in zijn koninkrijk, om dat te bevestigen, en dat te sterken met gerichte en met gerechtigheid, van nu aan tot in eeuwigheid toe."

Dat Wonderlijke beloofde Rijk, die beloofde Heerschappij nu wordt genoemd: „P h a i 1", en hoe nauw dat Phail-rijk samenhangt met den Steen wordt duidelijk, als men leest hoe dezelfde profeet zegt : „Daarom alzoo zegt de Heere, Heere : Ziet, Ik leg eenen Grondsteen in Zion, eenen beproefden Steen, een kostelijken hoeksteen, die wel vast gegrondvest is . . . ." (28 : 16).

Het is duidelijk, hoe de verheidenschte Groot-Israëlieten die Beloften van vader op zoon doorgaven. Het toekomstige Beloofde Zion, het Rijk van den Beloofden Steen, was het Wonderlijke Phailrijk.

Hoever dit volk ook zou afwijken van de hoogere spiritu-

Sluiten