Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wordt. In de eerste volle week des jaars komen des avonds tot gebed voor den nood der Christenheid samen, bewoners van China en van Indiê. Papoea's zijn er onder, wier vaders kannibalen waren. In Afrika en in Australië bidt men, ja, daar het in verschillende streken op de wereld op verschillende tijden avond is, zooals men weet, kan men zeggen, dat het eene volk begint te bidden, als het andere het gebed beëindigd heeft en dat zoodoende die dagen een voortdurend gebed van onze aarde opgaat tot Gods troon. Is dat geen wonderschoone gedachte? Waarom doen er dan, b.v. in ons vaderland, maar zoo weinigen mee in dit heerlijke werk? Is het niet iets treffends, dan voorgangers of broeders uit verschillende kerken naast elkaar te zien staan? De een leidt de schare in het onderwerp in, de andere gaat voor in gebed, een derde geeft een lied op of... vergenoegt zich met stil mee te bidden. Hoe goed is het, enkel maar er bij te zijn en te deelen in dit eenheidswerk, naar Jezus laatste bede op aarde. Hier is er toch geen sprake van, wiens inzicht het zuiverste, wiens kerkorganisatie het beste is; hier is het alleen de Heer der Gemeente Wien hulde toegebracht en aan Wien de nood dier Gemeente op aarde wordt opgedragen.

In ons Vaderland houdt de Alliantie, naast de week der gebeden, ook steeds eenmaal 's jaars een conferentie. Ook deze samenkomsten moeten, zal het goed zijn, een hoogtij zijn van eenheidsbeleving in Christus. Wij weten dat er vele conferenties gehouden worden, dat ze allen haast een direct aanwijsbaar practisch doel hebben. We willen ook volstrekt niet zeggen dat de Alliantie-conferentie, wat haar inhoud betreft, boven alle andere in voortreffeijkheid uitsteken zal. Maar daarom gaat het ook niet. De conferentie moet geheel dienstbaar gemaakt worden aan de eenheidsgedachte en, zij het met veel gebrek, dat geschiedt ook tot nu toe. Doch wij voelen hoezeer hier nog ontbreekt de steun der groote Christelijke lichamen in ons Vaderland.

Wij willen niet zeggen dat ook niet op andere wijze de Alliantie in de toekomst haar taak zal trachten te vervullen in ons Vaderland. Misschien dat in de nabijzijnde tijd, nog andere wegen en middelen gevonden worden. Doch wij willen dit kleine geschrift niet eindigen, zonder een hartelijk beroep te doen op de medewerking van allen, die iets van de noodzakelijkheid beseffen om, juist in het heden, de eenheid in Christus van allen, die gelooven, te beleven en te openbaren.

Sluiten