Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

om zijn vrijheid. Ook dan rijst de vraag: mag dat met dit middel, met den oorlog? Het heeft ons strijd gekost die vraag ontkennend te beantwoorden. Maar Christus heeft er ons toe gedwongen; wij kunnen niet tegelijk Christus dienen en in den oorlog dienen.

Hoezeer het bestaan van ons volk historisch en cultureel gerecht* vaardigd is, hoezeer wij in zijn geschiedenis menigmaal Gods leiding meenen te herkennen, hoe innig wij ons eigen leven met dat van ons volk verbonden weten, hoe vurig wij ons vaderland liefhebben en hoe smartelijk voor ons het verlies van zijn onafhankelijkheid zou zijn, als belijders van het Evangelie zijn wij overtuigd niet anders te mogen spreken. Ook voor een volk geldt: het doel heiligt de middelen niet; de middelen kunnen echter wel het doel ontheiligen. Er is geen weldenkend mensch, die niet voelt: er zijn middelen die een volk niet gebruiken kan zonder zich te onteeren; er zijn grenzen, ook aan hst en geweld, die een volk niet overschrijden kan zonder zijn recht op bestaan te verliezen. De oorlog echter kent geen grenzen; eenmaal losgebroken raast hij voort en overschrijdt hij elke grens. Niet de menschen leiden ten slotte den oorlog, maar de oorlog sleurt de menschen mee en dwingt hen om te doen wat de „oorlogsnoodzaak" voorschrijft.

De commissie in haar geheel heeft, zooals men las, den oorlog als „zonde" veroordeeld. De minderheid trekt hieruit echter andere conclusies dan de meerderheid, daar zij het woord „zonde" hier anders verstaat, nl. niet in den algemeenen zin van zondigheid, waaraan wij als zondige schepselen, levende in een zondige wereld, niet ontkomen, maar in den bijzonderen zin van daadwerkelijke ongehoorzaamheid aan Gods gebod. Het feit, dat de oorlog, als het spannen gaat, duidelijk toont, van elke moreele basis te zijn losgeslagen en geen anderen maatstaf meer kent dan dien van het effect, van het neerslaande en vernietigende effect, bevestigt ons in de overtuiging, dat oorlog beteekent een radicaal prijsgeven van de gehoorzaamheid aan Christus. Oorlog is voor ons „zonde" in den praegnanten zin: datgene, waar de vloek van God op rust, en dat ons daarom toeroept: „raak mij niet aan, laat af!" Wij kunnen het niet anders zien.

De Regeering heeft de plicht tot handhaving van het volksbestaan, maar deze handhaving mag niet geschieden in een weg welken God verbiedt. De Overheid heeft het recht tot gewelddadig dwingen

Sluiten