Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

burige klooster Maria Laach onbewogen door de tijdsomstandigheden eiken dag doorgaan met hun kloostergezang. En bij die theologie gaat het eenvoudig daarom, dat Gods Woord in de Kerk verkondigd wordt.

Hoezeer Barth gelijk heeft en „theologische Existenz" in gevaar is, kunnen we zien bij leiders als Müller en anderen. Van Müller wordt de volgende uitdrukking aangehaald: „Meer verlangt de Heere God niet, dan dat men zijn fouten inziet en het den volgenden keer beter doet. God zal in 't gericht den enkelen persoon slechts vragen, of hij moeite gedaan heeft, om een fatsoenlijke kerel te zijn en zijn plicht jegens zijn volksgenooten heeft vervuld." Waar blijft hier de rechtvaardiging door 't geloof? En als er slechts van plicht jegens volksgenooten sprake is, waar is dan de gelijkenis van den barmhartigen Samaritaan? We zien besliste tegenspraak tusschen deze uiting en de wijze, waarop thans Müller de belijdenis handhaaft.

Een andere uiting van een der leiders lezen we: „De zin van het kruis is uitgedrukt in het woord van Paulus: draagt elkanders lasten, of om het in de taal van onzen tijd te zeggen: Algemeen welzijn gaat boven eigenbaat". We zouden zeggen: Is dat voor u zoo'n kruis?

Bij de grafrede van een vermoord S. A.-man zegt zulk een dominee: „Daar ligt hij, of veeleer, hij ligt er niet meer, hij is opgevaren in den Horst-Wessel-storm" (Horst Wessel is de dichter, heilige en martelaar der Nazi's).

Dat gebrek aan theologie komt vooral uit daarin dat het nationale, het Duitsche, alles in beslag neemt. De leiddraad door een leider samengesteld voor een vergadering van den „Studenten-Kampfbund deutscher Christen" bevat volgende stellingen: Volgens Art. 1 ben ik een Duitscher. Volgens Art. 2 ben ik een Christen. Volgens Art. 3 ben ik een Duitsch Christen. Deze stellingen bedoelen niet dat het Duitsch-zijn boven het Christen-zijn geplaatst wordt. De Duitschers spreken bij de Apostolische Geloofsbelijdenis dikwijls niet van twaalf, maar van drie artikelen, van den Vader, van den Zoon en van den Heiligen Geest. Toch is 't erg genoeg. Het Duitsch-zijn behoort bij de Scheppingsorde. Uitdrukkelijk wordt afgekeurd door een van hen, dat in de geschiedenis van den torenbouw van Babel de scheiding der volken als gevolg van de zonde wordt voorgesteld. En wat het verband met het derde artikel aangaat: Het is zeker waar, dat de Heilige Geest ons ook zal leiden in de vervulling van de roeping

Sluiten