Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tegenover ons volk en onze overheid, maar in den geest der belijdenis is het niet, dat zóó uitsluitend op den voorgrond te stellen: juist de uitstorting van den Geest is het moment, waarop de klove tusschen de volken door het wonder der talen overbrugd wordt. En waar blijft de ééne heilige algemeene Christelijke Kerk, die toch ook tot dat artikel behoort? De Duitsche Christenen beperken haar tot de onzichtbare Kerk, terwijl ze toch ook in de zichtbare Kerken, zij het dan gebrekkig wegens de zonde, tot uiting dient te komen.

Een verkiezingsmanifest voor de verkiezingen der Provinciale Synode van Brandenburg luide aldus: „De geest, met welken gij uwe provinciekerk vervult, zal ook in het Evangelisch kerkelijk leven (Kirchentum) in Pruisen en Duitschland regeeren. Die geest zij:

de geest des geloofs in Gods wonderbare daad van de redding des Vaderlands (nh van de communisten);

de geest der dankbaarheid voor de verwekking van Zijn werktuig Adolf Hitier;

de geest der gehoorzaamheid aan Gods heiligen wil in het nationaal- socialisme ;

de geest der éénheid in de Kerk als in Staat en Rijk.

Sluit u allen aan in geloof en liefde en hoop tot de verkiezing der „geloofsbeweging der Duitsche Christenen".

Die vereenzelviging van Gods zaak en de zaak van het nationaalsocialisme geschiedt ook in een preek, die door een nat.-soc. blad als een echte, goede preek, in tegenstelling met de verouderde preeken geschetst wordt, en waarin de tekst: „Gode zij dank, die ons de overwinning geeft door Jezus Christus onzen Heere", eenvoudig wordt toegepast op de overwinning van het nationaal-socialisme!

De Kerk heeft „Duitsche Kerk" te zijn. Het wordt zóó voorgesteld: de tegenstanders der „Duitsche Christenen", die onder de leus:" Evangelium und Kirche" lijsten hadden ingediend, willen een algemeen Christelijke Kerk, waarin de Duitsche Kerk een afdeeling is. Zij daarentegen willen een Duitsche Kerk.

Wij hebben enkele krasse uitingen aangehaald, die niet elk „Duitsch Christen" voor zijn rekening zou hebben genomen, maar die toch door leiders of vooraanstaanden gedaan zijn, en die men zeker als de beginselen der geheele Kerk zou hebben doen gelden, als niet op de eischen in het Sportpaleis gestled zulk een machtige reactie gevolgd was.

Karl Barth geeft zich niet eens moeite, allerlei extreme uitingen

Sluiten