Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Laat ons dan nu, ter ootmoedige verheerlijking van God, die hem gaf en nam,

I. overdenken, hoe onze royaards, als eene lichtende fakkel, ons geschonken werd; en daarna

II. hoe wij ons eene wijle in zijn licht verblijd hebben.

I

Onze ontslapene Voorganger en Vriend was een licht der Christelijke wetenschap, een licht der Hoogeschool en der Gemeente , een licht der Hervormde en der Protestantsche Kerk, een licht eindelijk, dat zelf door den Geest van Christus verlicht werd.

Welk een glansrijk licht der Christelijke wetenschap wij in den geleerden royaards bezaten, kunnen wij ter dezer plaats niet behoorlijk ontwikkelen, en mogen wij dus slechts met een kort woord aanduiden. Geenerlei vak van nuttige kennis mag door den wijzen Christen gering geacht worden Maar* die geleerdheid staat het hoogst in zijne schatting aangeschreven, welke het naauwst verbonden is met de belangen der Menschheid, met het heil der Kerk en met de verheerlijking van God en onzen Heer mus Christus. Tot verkrijging nu en steeds voortgaande vermeerdering dier geleerdheid, zoo wel als tot hare verbreiding in wijd uitgestrekte kringen, is onze ontslapene Vriend, zijn gansche leven lang, werkzaam geweest, en tot aan den laatsten dag, waarop het hem hier vergund was, met onvertraagden ijver werkzaam gebleven (1). Hem was daartoe door den

(1) D. 22 December 1853, toen royaards aireede door de doode-

Sluiten