Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

God en de engelen. Zij voelt zich opgenomen in een andere spheer, dingen die haar vroeger onwerkelijk leken, worden nu de allerhoogste werkelijkheid. De stoffelijke wereld zinkt onder haar voeten weg, en ze komt in andere terreinen, in andere levensgebieden.

Daarbij is van de meeste, beslissende waarde, wat de ziel in dit leven gezocht en verlangd heeft. Het is mogelijk, dat zij in dit leven zich met al haar kracht van God heeft afgewend, dat zij God gehaat heeft en Hem verworpen heeft. In dat geval zal haar bij het eerste bemerken van het schijnsel van het Licht Gods bevangen een ontzettende bangheid. Een gevoel van het willen-vluchten, maar het niet kunnen vluchten. Een groote en alles vervullende angst, die niet in woorden is weer te geven, maar zooals wij die soms in droomen loodzwaar op ons drukken voelen. Dat zal haar benauwen, zóó sterk, zóó intens, dat ze zich doorstroomen voelt van onmetelijk lijden.

Omgekeerd is het ook mogelijk, dat de ziel in dit leven met een innig heimwee altijd naar God verlangd heeft. Dat zij gedorst heeft naar zijn gemeenschap, naar zijn liefde als naar het hoogste goed. Dat zij in Christus gegrepen heeft naar de kennis, gerechtigheid en heiligheid, als naar de edelste van alle schatten. Dat verborgen, diep in haar leven gelegen heeft, het hunkeren naar God. In dat geval zal de dood wezen een ontzaglijke openbaring. Misschien zal de ziel zich het eerste moment nog verlegen, nog aarzelend gevoelen. Maar zoodra zij het lichten begint te proeven, zoodra ze in de verte den weerschijn van Gods tegenwoordigheid gaat bemerken, wordt

Sluiten