Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

b) Rom. 4 : 20, 21. En hij heeft aan de heloftenis Gods niet getwijfeld door ongeloof, maar is gesterkt geweest in het geloof, gevende Gode de eer. En, ten volle verzekerd zijnde, dat hetgeen beloofd was, Hij ook machtig was te doen.

e) Rom. 10 : 17. Zoo is dan het geloof uit het gehoor en het gehoor door het Woord Gods.

d) Rom. 1 : 16. Want ik schaam mij het Evangelie van Christus niet, want het is eene kracht Gods tot zaligheid een iegelijk, die gelooft, eerst den Jood en ook den Griek.

Ef. 1:7. In welken (Christus) wij hebben de verlossing door Zijn bloed n.m. de vergeving der zonden naar den rijkdom Zjjner genade.

Vraag 29. Wat is een Christen dan noodig te gelooven?

Antw. Alles, wat God in het Evangelie belooft, en dat is in het kort samengevat in de twaalf artikelen van ons algemeen en ongetwijfeld Christelijk geloof, welke aldus luiden:

1. Ik geloof in God den Vader, den Almachtige, Schepper des hemels en der aarde.

2. En in Jezus Christus, Zijn eeniggeboren Zoon, onzen Heere.

3. Die ontvangen is van den Heiligen Geest, geboren uit de maagd Maria;

4. die geleden heeft onder Pontius Pilatus, is gekruisigd, gestorven en begraven, nedergedaald ter helle;

5. ten derden dage wederom opgestaan van de dooden;

6. opgevaren ten hemel, zittende ter rechterhand Gods des almachtigen Vaders;

7. vanwaar Hij komen zal om te oordeelen de levenden en de dooden.

8. Ik geloof in den Heiligen Geest.

9. Ik geloof eene heilige, algemeene, Christelijke kerk, de gemeenschap der heiligen;

10. vergeving der zonden;

11. wederopstanding des vleesches;

12. en een eeuwig leven.

Sluiten